Vader

 

Het was allemaal zo hoopvol begonnen. Soraya had zich er echt voor opgetut. Haar leukste korte jurkje aangedaan met de zwarte legging. Haar donkere krulletjeshaar, strak naar achte­ren getrokken liet haar bossige paardenstaart des te beter uitko­men. Een beetje oogschaduw van moeder en een vleugje lippen­stift completeerde het geheel.

En dan die eerste ontmoeting... Vader was niks veranderd in al die vier jaar dat Soraya hem niet had gezien. Nog steeds dat lenige jongensachtige, en die vlotte lach. Soraya constateerde nog eens met blijdschap dat ze op hem leek. Ze had ook dat fijne, elegante. Nee, wat dat betreft leek ze echt niet op haar moeder. Die was kort en dik met bolle wan­gen...

'Dag, eh...' aarzelde ze toen ze achter vader Constance ont­dekte, de vrouw met wie hij nu een paar maanden samenwoonde. Ja, wat moet je tegen zo iemand zeggen. Constance soms?

 

Die avond was ze dol enthousiast thuisgekomen. Vader had haar veel beloftes gedaan. Hij zou haar opbellen wanneer ze een nachtje kon blijven slapen. Koninginnedag zouden ze samen de stad ingaan. Ze zou nieuwe kleren van hem krijgen.

'En in de grote vakantie ga ik een weekje met jullie mee,' had Soraya gezegd. 'Het geeft niet waar naar toe, Duitsland of zoiets... Ik ga mee.'

Ze kon bijna niet in slaap vallen. Wat heerlijk om weer contact te hebben met je eigen vader. Er was eigenlijk maar één ding jammer. Moeder had niet zoveel gezegd, toen ze alles hoorde.

Koninginnedag kwam. Er was nog steeds geen telefoontje gekomen van vader of Constance, maar Soraya wist zeker dat hij haar zou komen ophalen. Misschien gingen ze wel naar de kermis. De hele dag rende ze heen en weer tussen het raam, de telefoon en de bushalte, maar geen enkele reactie van vader. Stampvoetend van woede kloste ze om vier uur in de middag naar boven en ging met keiharde muziek op haar walkman op haar bed liggen.

'Wat heb je nou aan een vader, als hij je zo behandelt?' zei Soraya tegen haar beste vriendin toen ze bij haar thuis thee dronk. 'Hij moet toch voor me zorgen? Daar heeft'ie toch een kind voor?'

Gelukkig was Nellinka's moeder ook bij het gesprek. Voor sommige antwoorden heb je echt een volwassene nodig. Ze hebben soms al wat ontdekt wat jij nog moet ontdekken. En bovendien was Nellinka's moeder gelovig.

'Wat jij meemaakt is niet nieuw.' zei ze. 'Zo gaat het erg vaak. Mis­schien is je vader er nog niet aan toe, moet hij nog veel van zijn eigen problemen oplossen.'

'Misschien komt het door die Constance,' meende Nellinka.

'Ook dat is mogelijk. Het kan zijn dat zij het benauwd kreeg toen je zei dat je met hen op vakantie wilde. Je moet je vader en haar de tijd geven om aan je te wennen.'

Soraya haalde haar schouders op.

'Luister, lieve schat...' Nellinka's moeder legde troostend haar arm om de tengere schouders van Soraya. 'Er is maar één vader die je nooit en nooit teleurstelt. Die altijd bij je is en je helpt met je problemen. Op wie je meer en meer kunt gaan lijken. Dat is je hemelse vader.'

Soraya draaide zich om naar Nellinka's moeder. Ze liet haar hoofd tegen haar schouder rusten, vechtend tegen haar tranen.

'Die kan ik toch niet opzoeken,' snikte ze.

Gelukkig wist Nellinka's moeder de weg naar God goed uit te leggen. Soraya vond eindelijk de vader waar ze zo naar ver­langde. En wat haar aardse vader betreft? Door steeds maar weer te vergeven en opnieuw contact te zoeken, zonder iets terug te verwachten, leerde ze uiteindelijk haar vader kennen. Hij was ook een zoeker, die de Hemelse Vader nodig had.