PO15- Silly heeft de eerste prijs in een schoonheidswedstrijd gewon­nen

 

HALLO SILLY. WAT ZIT JE JE DAAR TOCH SCHOON TE LIK­KEN. ZEG EENS DAG TEGEN DE KINDEREN.

(Heel snel: dag! gaat weer door met likken.)

WAT HEB JE HET DRUK MET JEZELF OP TE POETSEN?

Ja, ik moet heel mooi zijn.

WAAROM?

Ik heb de eerste prijs in een schoonheidswedstrijd gewonnen. Kijk maar, hier hangt mijn medalje.

JA ZEG. TSJONGE, GEFELICITEERD.

Nou mogen mijn pootjes niet meer vuil worden en trouwens, ik heb nog een appeltje met je te schillen.

WAT VOOR APPELTJE?

Nou, die vuile lap in mijn mand. Daar moet nodig een nieuwe voor komen. En ik wil ook een gouden etensbakje en luxe hon­denbrokjes.

JA, KOM NOU. ZEKER OOK NOG EEN ZILVEREN SPIEGEL EN EEN ECHT VARKENSHAREN BORSTEL. DROOM MAAR LEKKER VERDER HOOR. TROUWENS, IK WOU JE JUIST VRAGEN OF JE VANMIDDAG MET MIJ GING WANDELEN IN HET BOS.

In het kraaienbos? (Houdt op met likken.)

JA.

Waar je zo lekker achter de konijntjes aan kunt jagen?

JA, DAT BOS.

Waar er zoveel andere honden zijn om mee te dollen?

JA.

O, dan wil ik mee.

DAT KAN NIET?

Dat kan niet?

NEE, DAN WORD JE VIES. JIJ BENT NU EEN PRIJSHOND EN JE MAG ALLEEN MAAR ACHTER DE RAMEN ZITTEN EN POETSEN.

Maar dat wil ik helemaal niet. Ik wil rollen en dollen en achter de katjes aanzitten. De schoonheidsprijs kan me eigen­lijk niks schelen. Neem jij hem maar.

OKE, MAAR DAN EERST SLAPEN ANDERS BEN JE STRAKS TE MOE.

Dag kinderen tot straks in het Kraaienbos.