Doel: Te laten
zien dat dingen die je niet kunt zien, wel bestaan.
Leeftijd: 4-11
jaar.
Spelers: een
aankondiger, een kapitein, een bootsman, een matroos Humfrie. een paar matrozen
Attributen: een
bezem
--------------------------------------------------------
Aankondiger:
Er zijn veel
mensen die zo dom zijn om te zeggen: Wat je niet kunt zien dat bestaat niet.
Zo'n type was
ook de kapitein van het volgende stukje. Hij ergerde zich mateloos aan een
bepaalde matroos, die altijd over God sprak en anderen uit de Bijbel vertelde.
Op een dag wilde de kapitein Humfrie eens goed in zijn hemd zetten.
Kijk mee naar
het toneelstukje: Hersens heeft hij niet.
Humfrie: (vegend en
zingend) Lalala!
(Kapitein komt
aanlopen en de bootsman van de andere kant.)
Kapitein: Hé Boots.
Bootsman : Ja Kapitein.
Kapitein: Laat die
matroos eens ophouden met dat gejubel. Hij irriteert me.
Bootsman : Och Kapitein, hij is gewoon vrolijk. Wat je
hem ook opdraagt. Hij doet z'n werk uitstekend. Alleen zingt hij erbij.
Kapitein: Ik hou niet
van die uitslovers.
Bootsman : Met de andere matrozen kan hij goed
opschieten, kapitein.
U moet Humfrie
maar nemen zoals hij is. Hij is een gelukkig mens en die kom je niet vaak
tegen.
Kapitein: Ik haat zulke
lui. En ik ga hem eens voorgoed een lesje leren. Let maar op, boots. Roep de
matrozen bij elkaar op het voordek.
Bootsman : Matrozen... aantreden. (fluit)
(Matrozen
netjes naast elkaar in het gelid van de grootste naar de kleinste.)
Kapitein: Mannen, ik
merk dat er onder jullie lui zijn, die nog in sprookjes geloven en daarom wil
ik jullie eens een lesje leren. Luister, zien jullie het anker daar?
(Allen kijken
naar links.)
Matrozen: Ja kapitein.
Kapitein: Dat bestaat
dus. En zien jullie de stuurhut?
(Allen kijken
naar rechts.) Ja kapitein.
Kapitein: Die bestaat dus ook. Zien jullie ook die
meeuw daar? (allen kijken naar boven met hun hand boven de ogen.)
Matrozen: Ja kapitein.
Kapitein: Die bestaat
dus ook. Maar zien jullie Humfrie zijn God?
Matrozen: (lacherig)Nee.
Kapitein: Die bestaat
dus niet.
(wil
weglopen.)
Humfrie: Hoho, kapitein. Mag ik ook even iets vragen?
Kapitein: Als het niet
te lang duurt, want ik heb nog meer te doen.
Humfrie: Matrozen, zien jullie de kapitein zijn
gouden knopen?
Matrozen: Ja.
Humfrie: Die bestaan dus. En zien jullie ook zijn
pet?
Matrozen: Ja.
Humfrie: Mooi zo. Die bestaat dus ook. Maar.... zien
jullie de kapitein zijn verstand
Matrozen: Nee.
Humfrie: Dat heeft hij dus niet.
(Matrozen lachen.)
Kapitein: (triest
kijken)
Humfrie: (gaat zingend verder met vegen.)
Aankondiger: Of de
kapitein hierna is gaan geloven vermeldt de geschiedenis niet, maar zeker er
is, dat hij voortaan wel uitkeek om iets doms van Humfrie zijn God te zeggen.