OT78 - Zo behandel je een prinses
niet!
Geschreven door Josine de Jong (zie bijbelverhalen.nl)
David, de koning
van Israël had meerdere vrouwen. En die schonken hem veel zonen en dochters. De
oudste en dus de toekomstige troonopvolger heette Amnon. Zijn naam betekent de Betrouwbare, maar uit
het volgende verhaal kun je zien, dat hij absoluut niet betrouwbaar was.
Vandaag is
het een bijzondere dag voor Tamar, de dertienjarige
dochter van David. Haar privé-vertrekken zijn klaar
en Tamar mag aanwijzingen geven hoe ze alles
ingericht wil hebben. Ze heeft zulke leuke ideeën. Mooie lampenstandaards en
kleurige kleden op de vloer. In haar slaapkamer een bed met gouden
bloemmotieven. En het allermooiste is wel het gordijn tussen het woongedeelte
en het slaapgedeelte. Het is door een kunstenaar geweven uit glanzende zijde in
een heel apart patroon. Als ’s avonds de olielampen aangestoken worden glanst
het als een juweel. Je kunt je ogen er niet vanaf houden.
Ja, Tamar is nu kind af.
‘Het zal
niet lang meer duren, lieve schat,’ had haar moeder Maäka onlangs gezegd, ‘en dan zal jij de bruid zijn, de
mooiste en liefste reine bruid die er maar bestaat. Absalom,
je broer, heeft al iemand op het oog.’
Tamar had
grote ogen opgezet. Een man voor haar? Nooit meer met de andere kinderen spelen
in de vrouwenverblijven? O, als het maar een lieve man
is, één zoals vader David, die veel van de Here God
houdt… Ook een knappe man… Mooie ogen, zachte handen. Kan
ze niet beter zelf iemand uitzoeken? Nee, dat is niet de gewoonte. Meisjes worden
gewoon uitgehuwelijkt. En trouwens waar zou ze moeten zoeken. Ze komt nooit met
jongens in contact. Er wordt heel goed op haar gepast. En zal
ze ook kinderen krijgen?
Haar ogen
dwalen af naar het gordijn. Het mooie gordijn, waarachter haar bed staat. Op
een dag zal een mannenhand het opzijschuiven en dan zal ze voor altijd aan hem
verbonden zijn in liefde.
Ze zal haar
bed geurig maken met kruidenbuiltjes van kaneel en nardus. O, het is allemaal
zo spannend… Eén gedachte blijft haar maar steeds plagen: Zou haar man wel van
haar kunnen houden? Zou hij haar roodbruine haren strelen en haar mond kussen?
Is ze wel mooi genoeg?
Bij het in
bad gaan vraagt ze dan ook aan haar dienstmeisjes: ‘Zeg eens eerlijk, zou mijn
toekomstige man mij mooi vinden?’
De dienstmeisjes
haasten zich om te zeggen dat ze de mooiste prinses is uit heel Israël en
daarbuiten. En dat is niet overdreven. Tamar heeft
grote blauwe ogen en een stralende lach. De man die haar krijgt mag zijn
handjes wel dichtknijpen…
En als haar
bruidegom niet uit de kring van de koning komt, maar zelf een paleis heeft? Ja,
dan zal ze moeten verhuizen. Dan zal ze iedereen hier erg missen. Zo gaat dat
met meisjes.
Bovenop het
dak van één van de bijgebouwen van het paleis zit Amnon
de kroonprins, naar de vrouwenverblijven te turen. Hij heeft gezien dat er een
mooi privé-vertrek is gebouwd voor zijn halfzusje Tamar. En dat is nou precies waar hij de pest over in
heeft. Hij kan er niet van eten of slapen. Weet je waarom? Amnon
is verliefd op Tamar. Het idee, dat er een andere
vent met haar zal gaan kussen kan hij niet uitstaan! Tamar
is van hem, vindt hij…
‘Hé, neefie, wat zit jij hier te sikkeneuren?’
hoort Amnon plotseling naar boven roepen. Het is Jonadab, zijn neef, die hem op komt zoeken. Sluwe jongen,
die Jonadab, die heeft al veel van de wereld gezien.
Sterke verhalen heeft íe
genoeg. Altijd over meiden. Jonadab heeft al gauw
door waar Amnon naar zit te kijken.
‘Nou! Wat
mankeert jou? Is het dat mooie zusje van jou soms?’
‘Mmm,’ zucht Amnon,
‘Ik kan haar maar niet uit m’n kop zetten, man. Ze
maakt me gek. Maar ik kan niet bij d’r
komen. Mijn vader David houdt haar goed afgeschermd.’
Jonadab hoeft niet lang na te denken. Hij doet Amnon
een sluw idee aan de hand. ‘Doe net of je ziek bent en vraag dan aan je vader
of je zus je mag komen verplegen. Perfect toch? Hij zal je dat nooit weigeren.’
‘Even
kijken of alle ingrediënten wel voorradig zijn,’ denkt Tamar
als ze de
keuken van Amnon binnenloopt. Iemand is haar komen
halen om hartenkoekjes te bakken voor haar halfbroer,
die ziek te bed ligt. Meel en honing, wat noten en kruiden. O ja en een snufje
zout…
Ze stapelt
de pasgebakken koekjes leuk op een schaal en Amnons
bedienden brengen ze in zijn slaapkamer.
‘Ik ben kotsmisselijk,’ kreunt Amnon
aanstellerig. ‘Iedereen opgehoepeld, Alleen Tamar
moet blijven. Zij moet mij die koekjes opvoeren.’
Maar als ze
alleen achter blijven trekt hij haar ruw naar zich toe. Hij is helemaal niet
ziek.
‘Kom bij me
slapen!’ beveelt hij en kust haar wild op de mond..
Ze
stribbelt tegen, probeert zich los te rukken, maar Amnon
is veel sterker.
‘Doe niet!’ roept ze, ‘Dit is straks overal bekend. Vraag aan vader of
ik je vrouw mag worden. Dat doet hij heus wel…’
Amnon
lacht haar gewoon uit. ‘Stom wijf, snap je dan niet dat ik nu met je wil vrijen?’
Haar lip
begint te bloeden. Ze voelt zijn handen over haar lichaam gaan.
Arme mooie
kleine prinses. Haar sprookje is uit.
En weet je
wat nog het allerergste is?
Als zijn
begeerte gedoofd is krijgt Amnon spontaan een afkeer van
haar.
‘Zet die griet buiten de deur en doe de grendel erop!’ roept hij
harteloos.
Daar staat Tamar nu in haar prachtige prinsessenkleed, krabbels in
haar gezicht, één geborduurde sandaal is verdwenen. Ze snikt en snikt en snikt.
Er is slechts één gedachte in haar hoofd: ‘Naar huis, naar mamma en Absalom en pappa.’
Onderweg graait ze een handvol as bij een uitgeblust kampvuur vandaan en
strooit het op haar hoofd. Ze scheurt de zijnaad van haar mooie prinsessenjurk open als
teken van rouw en jammerend met haar hand boven haar hoofd rent ze naar huis.
Iedereen die het ziet staat met open mond te kijken.
In alle
landen van de wereld, waar de bijbel ook maar wordt
gelezen wordt de naam van Amnon met afschuw genoemd.
Dat gaat al eeuwen zo door. Ieder die een hart in zijn lijf heeft zou hem wel
eens flink door elkaar willen schudden.
Amnon,
kroonprins Amnon, jij die zo’n
hoge positie hebt, wat ben je laag gezonken om de droom van een meisje zo aan
flarden te scheuren! Jij snapt helemaal niks van Gods
bedoeling met een man en een vrouw. Zaken die zo mooi, zo intiem zijn, heb je
besmeurd!
Eens komt
de dag van de wraak.
O, als
koning David hier achter komt…
Eenmaal zal
Absalom je vermoorden…
Eenmaal, Amnon, zul je voor de rechter van de wereld moeten
verschijnen en verantwoording afleggen voor je daden!