OT40a - Nooit laat ik je in de
steek, Ester
Geschreven door Josine de Jong (zie bijbelverhalen.nl)
Deze Mordechai was de pleegvader van Hadassa,
ook Ester genoemd, die een nicht van hem was en geen vader of moeder meer had.
Na de dood van haar ouders had Mordechai haar als
dochter aangenomen. Het meisje was lieftallig en mooi. Ester 2:7
Al
verlaten mij vader en moeder, de Heer neemt mij liefdevol aan. Psalm 27:10
Een moeder
vertelt: ´Toen onze pleegdochter Brenda in ons huis
kwam was ze een baby van acht maanden. Haar vader en moeder hadden haar in de
steek gelaten. Ik weet nog hoe ik haar in haar bedje legde, haar over haar
scheve kalige bolletje aaide en zei: Ik zal goed voor
je zorgen, Brenda.
Tot ons
grote verdriet bleek een paar maanden later, dat ze invalide was, spastisch. We
hebben heel wat ziekenhuizen en dokters met haar afgelopen, maar dat vonden we
niet erg, want we wilden altijd voor Brenda blijven
zorgen. Nu is ze een mooie jonge vrouw geworden in een rolstoel, die zelf voor
haar man en kind kan zorgen. Zo gaat het werk van God door.´
Niemand
weet wat er in de toekomst gaat gebeuren. Een ding is erg belangrijk, dat Jezus
heeft beloofd: ´Ik zal je nooit verlaten!´
Lang
geleden in het land van Medië en Perzië
was er ook een pleegkind. Ze wist niet dat God haar had uitgekozen om een heel
belangrijke rol te spelen in de geschiedenis van haar volk.
´Vanmiddag
gaan we naar de wever, Ester,´zegt Mordechai
tegen zijn nicht. ´Je jas wordt veel te klein.´
´O,
leuk,´zegt Ester, ´Krijg ik er dan een met rode
strepen van onderen, Mordechai?´
´We zullen
wel zien, meisje.´
Wat is
Ester blij. Ze is de laatste tijd hard gegroeid. Ze krijgt lange benen. Ester
denkt even na. Wat zal ze met haar oude jas doen?
´Mordechai, zal ik mijn oude jas maar aan Vera van de buren
geven? Haar ouders zijn zo arm.´
´Ja, dat is
goed, Ester, maar nu moet je me even helpen met het versjouwen van deze kist.´
Ester woont
al een hele tijd bij Mordechai. Hij is haar neef.
Haar ouders zijn gestorven toen ze nog klein was. Mordechai
en zijn vrouw hebben haar opgevoed alsof zij hun eigen kind is. Ze is een
beeldschoon meisje geworden. Altijd is ze in de weer met kleine kinderen. Ze
kleedt ze aan en gaat met ze wandelen naar de rivier.,
Ze wast hun snoetjes en veegt hun tranen af. Ester zal vast en zeker een lieve
moeder worden.
Door de
kleine raampjes van hun huis ziet Ester, als ze even opkijkt van haar werk een
paardenlijf voorbijgaan. Gaat er een deftig iemand door hun straat? Daar moet
ze meer van weten. Ja hoor! Het zijn dienaren van de koning, allen op vurige
paarden. Er zijn ook soldaten bij. Een ervan ziet haar, komt op haar af en
grijpt haar bij de arm.
´Meekomen!´beveelt
hij.
Wat is er?
Wat gebeurt er met haar?
´Mordechai!!!´
Meteen komt
Mordechai aanrennen.
´Blijf van
dat meisje af! Wat moet dat?´schreeuwt hij tegen de soldaat. Die zwaait met een
stuk perkament, waarop duidelijk het zegel van de koning te zien is.
´De koning
zoekt een nieuwe koningin. De mooiste meisjes van het land moeten naar het
paleis komen.´
´Dan moet
je haar vlug loslaten, soldaat,´zegt Mordechai slim, ´want wie weet knijpt u nu wel in de arm
van de toekomstige koningin!´
Dat helpt.
De soldaat laat haar los en stamelt een excuus. Ester moet toch mee.
Ze loopt
naar haar pleegmoeder en valt haar om de hals. Huilend kust die haar op beide
wangen.
´Lief kind,
wees maar niet bang. De Almachtige zal je beschermen. Het is toch een grote
eer, dat ons meisje wordt uitgekozen om in het paleis te komen.
Ester kijkt
haar met grote ogen angstig aan.
´Denk
eraan, dat je een Jodin bent,´gaat haar pleegmoeder verder,
´vergeet je gebeden niet en handel naar Gods wet. Je weet wat we je geleerd hebben.´
Ester knikt
Ze slikt moedig haar tranen weg.
´Ik zal je
elke dag komen opzoeken, Ester,´zegt Mordechai. Hij slaat zijn arm om haar schouders. Samen
lopen ze naar buiten waar een soldaat haar voor op een paard tilt. Alle
buurtkinderen en kennissen staan te kijken. Sommigen huilen. De stoet vertrekt
naar het paleis. Bij de hoek zwaait ze nog even.
´Dag Ester,
dag!´roept iedereen.
Ester komt
met veel andere meisjes in het vrouwenpaleis. Hegai,
de bewaarder van de meisjes, vindt haar meteen te gek en geeft haar de mooiste
kamers.
Ze krijgt
dienaressen, die haar mooi maken en haar kleren geven.
Elke
ochtend moet ze van top tot teen met mirreolie ingesmeerd worden. Daar wordt je
huid erg zacht van. Ester moet leren elegant te lopen, te zitten en te buigen.
Na een jaar
is het eindelijk haar beurt om bij de koning te komen.
En… hij kiest juist haar uit om de nieuwe koningin te worden, niet zozeer om
haar mooie gezichtje, maar vooral om haar lieve karakter.
Mordechai
heeft woord gehouden. Elke dag komt hij haar opzoeken. Soms moet hij lang
wachten voordat ze komt. Dan gaat hij er maar bij zitten.
Ester
vraagt hem nog vaak om raad. Ze doet precies wat hij haar aanraadt, ook al is
ze nu koningin.
Op een dag,
als Mordechai weer bij de poort zit, hoort hij twee
mannen met elkaar fluisteren. Ze maken plannen om de koning te doden. Mordechai schrikt erg. Dat mag nooit gebeuren. Het kan nog
gevaarlijk zijn voor Esther ook. Hij moet de koning laten waarschuwen. Dat doet
hij en even later zitten de boeven veilig achter slot en grendel.
Wat is het
fijn, dat Ester zo´n goede pleegvader heeft. Hij beschermt haar, is haar
raadgever en let er goed op, dat niemand haar kwaad doet.
Zo´n goede
pleegvader hebben wij ook. Dat is onze Vader, die in de hemel woont. Hij laat
ons nooit in de steek.