Geschreven
door Josine de Jong (zie bijbelverhalen.nl)
'k Heb hem op een plaatje gezien, die schrijver van de
Farao. Zijn beeltenis staat gegraveerd in de muur van een dodentempel te Gaza. Ik kijk naar zijn blote bovenlijf, de geplooide doek
om zijn heupen. Drie nieuwe pennen steken in zijn krulhaar, een inktpotje staat
naast hem. Gehurkt, zijn rug kaarsrecht, krabbelt hij een paar lettertekens op
het papier. Zou deze schrijver de schrijver van Farao Ramses
geweest zijn? Zou hij voor zichzelf een dagboek bijgehouden hebben? Zoiets
geschreven hebben als...
Wat is het toch fantastisch om schrijver van de Farao te
zijn. Vandaag heb ik wat beleefd! Die Mozes en Aäron,
die twee oude Hebreeën, die vrijlating van het slavenvolk eisen, hebben voor
heel wat opschudding in het paleis gezorgd. En niet alleen in het paleis, nee,
het hele land is in beroering. Vanmorgen hebben ze zo maar het koninklijke baden in de Nijl
verstoord. Niet te geloven toch! Juist toen de priesters het lied: 'Nijl, Nijl,
o goddelijke rivier' begonnen te zingen en Farao zijn voet in het water zette,
kwamen ze uit het riet te voorschijn.
'De God van de Hebreeën beveelt: 'LAAT
MIJN VOLK GAAN OM MIJ TE DIENEN IN DE WOESTIJN, of anders...' riepen ze
brutaal. Ze hieven hun herdersstaf op en sloegen op de Nijl. Het gezicht van
mijn meester trok wit weg. Voordat hij echter: 'Grijp ze!' kon zeggen, zagen we
tot onze stomme verbazing de Nijl verkleuren vanaf de plek waar de staf in het
water stak. Rood als bloed, nee echt bloed werd de Nijl. Het was gruwelijk en angstaanjagend.
Ik moest ervan overgeven achter de bosjes. Toen ik weer terugkwam stonden de hoogedele raadgevers en tovenaars om de Farao
heen. Ze waren gauw opgetrommeld om de truc na te doen. Allen hielden een kom
water in handen dat ze in bloed veranderden, maar ik betwijfel of het echt
bloed was. Volgens mij lieten ze er ongemerkt rode kleurstof in vallen. Maar
hoe dan ook, de Nijl was wel mooi bedorven. Het stinkt verschrikkelijk in het
land. Alle stromen, meren en plassen zijn vol bloed.
Dooie vissen drijven met hun bleke buiken omhoog in het water. Heel de avond
zijn we bezig geweest om in de omgeving van de Nijl putten te graven voor
drinkwater. We stillen onze dorst maar met wat sap. O, als ik aan water denk ga
ik over mijn nek.
Bah! een grote vieze vlek op deze
papyrusstrook. Dat is niet de eerste vandaag. 'k Heb al heel wat papier weg
moeten gooien. Flats! Nu hier weer een vlek. We zitten onder de kikkers. O,
griezel, nou springt er één in m'n nek. Even
weghalen. 't Komt allemaal door die Mozes met zijn
bleke broer. Na die bloedplaag van verleden week stonden ze vanochtend weer
voor de Farao. Je moet toch maar lef hebben.
'Zo zegt de Here,...'
klonk het weer.
Wie is die Here? vroeg ik me af. Wie is er hoger en machtiger dan de zonnegod
Ra. Toch zeker niet de god van zo'n schapenvolk? Maar
die lui zijn wel fanatiek, hoor!
'ZO ZEGT DE HERE, LAAT MIJN VOLK GAAN OM MIJ TE DIENEN.
INDIEN GIJ WEIGERT OM HEN TE LATEN GAAN, ZAL IK UW LAND MET KIKKERS BEDEKKEN!'
En dat tegen de Heer van Opper- en Neder Egypte!!
En nou stikken we in de kikkers. Hoe bestaat het, hè. Ik heb
jarenlang de kikker aanbeden als een god. Kijk, daar zit er één bovenop mijn
inktpot. Wat een engerd eigenlijk. Nou, dat ik hem nog ooit zal aanbidden, kan
die wel vergeten.
Ik moet eerlijk zeggen, die Mozes en Aäron
zijn wel goeie tovenaars, hoor! Die magiërs van ons
kunnen natuurlijk ook wel kikkers toveren, maar dan hebben ze ze wel eerst in hun mouw gestopt.
Maar Mozes heeft er zoveel laten komen, het hele land is
bezaaid. Ze zitten zelfs in de bakovens en bakblikken van het brood. Nou,
lekker fris. Ik wordt er eigenlijk wel zenuwachtig
van. Hoe zal ik vannacht kunnen slapen? Ze zitten bovenop m'n
bed. Br!
...'Gelukkig, de kikkers zijn dood. Farao heeft toegegeven.
'Bidt toch tot uw God,' zei hij gisteren, 'dat hij de
kikkers laat verdwijnen van mij en mijn volk, dan zal ik uw volk laten gaan om
de Here offers te brengen.'
En toen Mozes netjes vroeg: 'Hooggeëerde
Heer, wilt u zo vriendelijk zijn om ons te zeggen wanneer de kikkers weg moeten
gaan, zodat u zult weten dat het de Here, onze God
is, die dit doet.' toen antwoordde hij: 'Morgen.'
Wij allemaal in spanning natuurlijk en ja hoor! Precies toen
Mozes en Aäron tot hun God baden, stierven de kikkers
in het hele land. Alleen in de Nijl bleven ze leven. Ik word wel een beetje
jaloers op die twee. Als een God zo je gebed kan verhoren, dan is Hij wel
machtig... Zou je als Egyptenaar ook deze God kunnen aanroepen?
Nu zijn ze overal de boel aan het schoonvegen. Grote hopen
dooie beesten liggen overal te stinken. Ja, wat moet je ermee? Begraven?
Verbranden? De slaven hebben het er maar druk mee.
... Ik hoop dat dit dagboek nooit in handen komt van de
Farao. Want nu moet ik toch even schrijven wat ik ervan vind. Farao heeft zijn
woord niet gehouden. Dat kun je toch niet maken als koning? Waar blijven we
dan! Waarom laat hij die Hebreeuwse slaven niet gewoon gaan? 't
Lijkt wel of het een soort erekwestie voor hem is. Hij wil per
se winnen.
.... Vannacht kon ik weer eens niet
slapen. Het stikt in m'n kamer van de muggen. Ze
zeggen dat het een wraak is van de God der Hebreeën. Iemand heeft gezien dat
Mozes en Aäron met hun staf op een berg stof sloegen
en vanaf die tijd wemelt het van de muggen. Ze vliegen je mond en je neus
binnen. Bah! 't Is gek, maar ik heb eigenlijk toch nog
moeten lachen. Die geleerden en tovenaars stonden als gekken te proberen ook
muggen te voorschijn te toveren, maar het lukte natuurlijk niet. Je kunt
moeilijk een zwerm muggen in je hoge hoed verbergen. 't
Was echt geen gezicht.
'De God der Hebreeën is ons de baas,' zeiden ze. Farao
woedend natuurlijk. Hij heeft zich de hele dag opgesloten in z'n
kamer. Niemand werd tot hem toegelaten. Door dit alles ben ik wel tot de
conclusie gekomen dat de Here ver boven alle andere
Goden staat. Ik denk dat ik vandaag naar Mozes ga om te vragen hoe ik tot Hem
moet bidden. Want zo'n machtige God wil ik ook hebben.