Kerstfeest
Stefan en
Shirley liggen op hun buik voor de warme kachel in opa's dagboek te werken.
Shirley tekent een paar takjes hulst en Stefan schrijft: 'Lieve opa. Veel hijl
en zegen in het nieuwe jaar en ik vind uw kerstboom nogal raar.'
Shirley schiet
in de lach. Ja zeg, zo'n merkwaardige boom zag je nergens. Weet je hoe dat is
gekomen? Moet je horen...
Japie mocht
bij opa gaan slapen, omdat zijn moeder moest werken tijdens de feestdagen. Met
z'n hamster en een koffertje vol spullen stapte hij dus op een avond voor kerst
het huisje aan de Bovendijk binnen.
'Hallo, wat
hartstikke leuk dat je er bent.' begroet opa hem. 'Hier is je kamertje en een
padvindersfluit om mee te roepen als er wat is.' (Ja, wat zou er nou moeten
zijn?)
Even later
ligt Japie lekker onder de schone lakens. Maar hij gaat niet slapen. Nee, dat
zou zonde zijn van zijn plannetje. Hij heeft namelijk in z'n koffertje een paar
leuke geheimpjes meegenomen. Allereerst een heerlijk kersttaartje van z'n
moeder en verder nog twee papieren servetjes (slechts eenmaal gebruikt), een
beetje verschoten kersttafelkleedje en een stukje kaars. Straks als opa slaapt
zal hij zachtjes opstaan en de tafel mooi maken... Wat een leuke verrassing,
hè?
Opa is ook
naar bed gegaan. Hij ligt in het kamertje aan de andere kant van de gang. Hij
slaapt ook al niet.
'Even
wachten.' denkt hij. 'Dadelijk slaapt Japie en dan...'
In het hoekje
van zijn kamer staat donker en geheimzinnig een kerstboom. En op het tafeltje
ligt een gelige doos met kerstballen. Straks zal hij de boom in de kamer zetten
en versieren. Wat zal Japie morgen opkijken!
Het is heel
stil in opa's huisje. De klok in de kamer slaat juist tien als in het
pikkedonker zachtjes twee deuren opengaan. Twee gedaantes tegelijk lopen naar
de kamerdeur. Plotseling: Boemm!! Pats!! Rinkeldekinkel. 'Help een dief!' roept
Japie verschrikt. De doos met gebak is uit zijn handen geslagen. Een raar
stekelding wil hem pakken, maar dapper
graait hij naar zijn padvindersfluit en begint uit alle macht te blazen.
'Help!
Inbrekers!' roept opa. Zijn kerstballendoos vliegt open en alle ballen vallen
kapot op de grond. Zenuwachtig tast hij naar het lichtknopje. Floep! In het
licht van de ganglamp zien ze wat er gebeurd is.
'Hou op!'
schreeuwt opa. 'Was jij dat? Ik dacht...'
'Er was een
dief!' huilt Japie, 'Was u dat?'
Dan vertellen
ze ieder hun verhaal.
Zo komt het
dat opa zo'n rare kerstboom heeft. Op de afgebroken top staat een kapot kaarsje
en in plaats van bellen hangen er krentenbollen in.
'Dit is de
mooiste boom van Nederland.' zegt opa trots. Japie is het met hem eens. Ze
lepelen de kersttaartpap van hun kartonnen bordje. 't Smaakt net zo lekker,
hoor!
Vraag 1: Welke
mensen moeten tijdens de feestdagen werken?
2. Hoe zouden
hun kinderen dat vinden?
3. Wat zouden
we voor die mensen kunnen doen?