Allemaal anders

 

 

Fieke is blond. Ze heeft kort haar en blauwe ogen.

Ze houdt van gymmen en sporten. Springen en bewegen is haar lust en leven.

Fanka is donker met ogen als donkere chocolaatjes. Ze houdt van binnenzijn en prutsen met papier.

Puzzelen kan Fanka ook heel goed. Ze kan al een puzzel van 500 stukjes maken.

Davidje is een stoere bink. Net als Fanka heeft hij bruine ogen en een bruine kleur. Voetballen, daar is hij gek op. Als hij de bal stopt laat hij zich helemaal op de grond vallen. Zijn kleren zijn dus vaak vuil.

David kan ook puzzelen. Een puzzel van honderd stukjes, als pappa een beetje helpt.

En Miepje?

Zij heeft zachte krulletjes. Ze praat honderduit tegen de pop.

Soms denk je dat ze huilt, maar dat is niet zo. Ze speelt dat de pop huilt. Miep is de lieveling van allemaal.

Mamma en pappa zijn blij met hun rakkers.

De Heer Jezus heeft ze allemaal anders gemaakt, maar dat is juist leuk.