Toneelstuk “Een kind is ons geboren”

Door Marjon Ooms-de Jong

 

Dit kersttoneelstukje is geschikt voor een kleine groep kinderen in de leeftijd van 2 t/m 12

 

Achterliggende gedachte:

 

Met kerstfeest vieren we de geboorte van het kindje Jezus.

Hoe vieren wij een geboorte?   

 

Ø       geboorte kaartje, zodat iedereen weet dat er een kindje is geboren, zodat je de naam te weten komt en zodat je welkom bent om te komen kijken

 

Ø       Neem je een cadeautje mee

 

Ø       Krijg je beschuit met muisjes

 

Ø       Is het feest

 

En wat zegt een naam over iemand?

 

 

Een spreker kan bovenstaande gedachte als inleiding vertellen.

 

Twee kinderen (van deze tijd) lopen buiten wat te kletsen over hun tante die een baby’tje heeft gekregen.  Ze botsen tegen een haastige herder aan.

Ze vragen waarom hij zo’n haast heeft. De herder zegt dat hij op weg is naar een pasgeboren baby’tje en geeft hun een kaartje.

Het is een geboortekaartje in de vorm van een ster. De herder gaat snel verder en de kinderen lezen het kaartje. Er staat op: “een kind is voor ons geboren, een zoon is aan ons gegeven”.  De kinderen vinden het gek dat er helemaal geen naam op staat. Ze vragen zich af waar het kindje is geboren. Ze kijken door de ramen van de huizen, maar zien niets. Dan ziet één van de kinderen opeens een ster, net zo’n ster als de vorm van het kaartje. Ze lopen naar de plek  onder de ster. Daar is een stalletje. Zo’n “huisje” hadden ze niet verwacht voor een pasgeboren baby. Ze staan voor de deur. Dan komen er rijke mannen aan met mooie geschenken. Die gaan naar binnen. De kinderen durven niet naar binnen. Ze vragen zich af of ze wel welkom zijn. Dan komt er een engel en zegt: “dit kindje is ook voor jullie geboren. Ga maar naar binnen. De kinderen zeggen: “maar we hebben niets om te geven”. De engel zegt: het mooiste geschenk aan het kindje is als jullie naar hem toegaan en je liefde aan hem geeft.` Dan gaan de kinderen voorzichtig naar binnen en zien het kindje liggen. Ze zien ook de wijzen, de herders en schaapjes, Jozef en Maria en ze knielen voor het kindje.

 

Dan leest de verteller voor uit de bijbel en spreekt een nawoord. (zie script)

 

Dan komen alle kinderen uit de stal en zingen het lied: ‘want een kind is ons geboren”

Bij het noemen van de namen van Jezus, gaan 4 kinderen vlaggen. Dit zijn vlaggen met de namen: “Wonderbare raadsman” , “Machtige God” “Eeuwige vader” “Vredevorst”

Je kunt ook een extra vlag maken met “Emmanuel” erop omdat dit in het lied gezongen wordt.

 

 

                                                        

SCRIPT

 

 

Lindsey: Hoi Thomas, hoe gaat het met je?

 

Thomas: Hoi Lindsey. Met mij gaat het toppie en met jou?

 

Lindsey: Met mij ook. Ik heb er weer een nichtje bij. Een schatje joh.

 

Thomas: O leuk. En hoe heet ze?

 

Lindsey: Nou daar vraag je me wat. Het was zoiets als “Flandarijna, Marilijna Katarijna”.

 

Thomas: Wat een naam!  En hoe roepen ze haar dan als ze gaan eten?

 

Lindsey: Ik heb geen idee. “Mandarijntje” lijkt mij het makkelijkst.

 

Thomas: Waarom geven ze hun kind eigenlijk van die moeilijke namen?  Je kan toch beter

               Jan of Max heten of als je een meisje bent:  Petra of Sofie?

 

Lindsey: Ja, dat is wel zo. Maar mijn oom en tante zijn hele deftige mensen. Daar hoort gewoon een bijzondere naam bij.  Dan weten andere mensen die die naam horen meteen dat je niet gewoon bent, maar heel duur. Weet je trouwens hoe deftige mensen iets drinken? Kijk zo: (kopje thee drinken met de pink omhoog) 

 

Thomas: ha,ha. Ik ben benieuwd hoe het baby’tje een flesje gaat drinken

 

Er komt een haastige herder aan die tegen de kinderen aanbotst.

 

Thomas:  Nou, nou. Wat een haast!?

 

Lindsey:  Wat is er met jou aan de hand?

 

Herder:    Het spijt me. Maar ik wil niet te laat komen.

 

Lindsey:  Waarvoor te laat komen?

 

Herder:    bij het kindje

 

Thomas:   Welk kindje?

 

Herder:     Dit kindje!  (Geeft een geboortekaartje aan Thomas)

                 Daaaggg!!!  (loop gauw weer door)

 

Thomas pakt het kaartje aan en doet het open.

 

Lindsey:   Laat eens kijken!?

 

De kinderen bekijken samen het kaartje.

 

Thomas:  (leest voor) “Een kind is voor ons geboren, een zoon is aan ons gegeven”.

 

Lyndsey: Nou dat gaat dus niet over m’n nichtje.

 

Thomas: Er is een jongetje geboren.

 

Lindsey:  …. Voor ons, ….aan ons…….wie is “ons”?

 

Thomas: verder staat er niets. Hoe komen we er achter wie dat kindje is? (kijkt in de verte)

               Die herdersjongen is ook niet meer te zien.

 

Lindsey: Kom op!  We gaan op zoek. Als er ergens een baby’tje is geboren moet je dat kunnen zien. Dan hangen er vast wel slingers op de ramen.

 

Thomas: … of een pelikaan

 

Lindsey:  een ooievaar zal je bedoelen.

 

 

De kinderen gaan op zoek en turen door (denkbeeldige) ramen naar binnen.

Ze kijken elkaar steeds aan en schudden dan hun hoofden.

 

Thomas kijkt eens in de verte,  in de richting van de ster,  en houdt  zijn blik vast. Dan houdt hij het kaartje eens voor z’n gezicht en vergelijkt deze met de ster die hij in de verte ziet.

 

Thomas:  Hé, Linds!  Moet je eens kijken!

 

Lindsey kijkt naar het kaartje en dan naar de zelfde richting als Thomas kijkt.

 

Lindsey: Hé!  Dat is dezelfde ster!  Wauw! Dat is mooi!

 

Thomas:  Dat moet er mee te maken hebben. Kom op, we gaan kijken.

 

Ze lopen naar plek onder de ster en blijven stil staan voor de dichte deur van de stal.

 

Lindsey:  Zou het hier zijn? Dit is toch geen goede geboorteplek? Dit lijkt wel een schuurtje.

 

Thomas: Ik zie ook helemaal geen pelikaan.

 

Dan komen er wijzen aan.

 

Wijze 1:   Pardon, zouden we er even door mogen?

 

Lindsey en Thomas doen een stapje achteruit.

 

Wijze 2:  We komen van ver en willen graag naar het koningskind.

 

Lindsey:  Koningskind?

 

De wijzen hebben prachtige geschenken in hun handen en gaan door de deur naar binnen.

 

Lindsey: Hoorde je wat die man zei, Thomas? Hij zei: “Koningskind!”

 

Thomas: en zag je wat ze bij zich hadden? 

 

Lindsey:  Er is hier dus echt een kindje geboren.

 

Thomas: maar wel een heel bijzonder kindje. Zouden we naar binnen mogen?

 

Lindsey: Ik weet het niet. Er staat op het kaartje “ons”. Maar ik weet niet of wij daar ook bij horen.

 

Er komt een schitterende engel naar hen toe.De kinderen schrikken een beetje.

 

Engel: Wees niet bang. Dit kindje is ook voor jullie geboren. Ga maar naar binnen.

 

Lindsey:  voor ons?

 

Thomas: en we hebben niets om te geven.

 

Engel: Weet je wat het mooiste geschenk is dat je aan het kindje kunnen geven?

            Dat is als je naar hem toegaat en al je liefde aan hem geeft.

 

 

Dan doen de kinderen de deur open en ziet iedereen de stal van binnen. Men ziet het kindje in de kribbe, Jozef, Maria, de herders met schaapjes en  de wijzen. De kinderen gaan naar het kindje toe en knielen voor hem neer, samen met de anderen..

 

 

Verteller: (leest voor uit de Bijbel) Lucas 2: 15-18

De herders hadden tegen elkaar gezegd: laten we naar Betlehem gaan om met eigen ogen te zien wat er gebeurd is en wat de Heer ons bekend heeft gemaakt. Ze gingen meteen op weg en troffen Maria aan en Jozef en het kind dat in de voederbak lag. Toen ze het kind zagen, vertelden ze wat hun over dat kind was gezegd.

 

Mattheus 2:9-12

De wijzen waren op weg gegaan en volgden de ster. Deze  bleef stil staan boven de plaats waar het kind was. Toen ze dat zagen, werden ze vervuld van diepe vreugde.Ze gingen het huis binnen en vonden het kind met Maria, zijn moeder. Ze wierpen zich neer om het eer te

bewijzen. Daarna openden ze hun kistjes met kostbaarheden en boden het kind geschenken aan: goud en wierook en mirre.

 

Weten jullie hoe het kindje heet?

 

Het was al heel lang van tevoren bekend welke namen hij zou krijgen.

 

In de Bijbel staat, in Jesaja 9: 5:

 

“Een kind is ons geboren, een zoon is ons gegeven;

en de heerschappij rust op zijn schouders.

Deze namen zal hij dragen: Wonderbare raadsman, Machtige God, Eeuwige vader, Vredevorst. Groot is zijn heerschappij, aan de vrede zal geen einde komen.”

 

Weet je wat dat betekent?

Het kindje is voor ons geboren, voor jou en voor mij.

Een zoon is aan ons gegeven. De enig geboren zoon van God.

Hij is dé koning. Zo is hij geboren.

En zijn namen zijn:

Wonderbare raadsman, Degene die jou het beste raad kan geven.

Machtige God, Degene voor wie niets onmogelijk is; een Goddelijke held.

Eeuwige vader, Degene die voor altijd voor je wilt zorgen en van je houdt

Vredevorst, de Koning die vrede is.

Hij zal regeren en aan de vrede zal nooit een einde komen.

 

Er is een heel speciaal kind geboren,  voor ons allemaal.

We mogen naar hem toegaan.

We weten welke namen hij heeft gekregen.

We weten welk geschenk  we hem kunnen geven; onze aanbidding/onze liefde.

Maar hoe zit het nou met de beschuit met muisjes?.

Die zijn niet nodig. Want weet je: gekleurde muisjes zijn wel lekker en echte muisje kriebelen, maar als je  Het Koningskind kent dan kriebelt het binnenin van blijdschap.

 

Het wordt feest als je zegt: Here Jezus, U  bent ook voor mij geboren op aarde.

U geeft mij raad, U bent mijn held, U bent mijn Vader en U bent mijn Koning.

Dank U wel.

 

 

Dan komen alle kinderen uit de stal en zingen:

 

Want een kind is ons geboren en een zoon gaf God aan ons.

De heerschappij rust op Zijn schouder en Zijn naam zal zijn:

Wonderbare Raadsman

Machtige God

Eeuwige Vader

De Vredevorst

Emmanuel, God met ons

 

Bij het noemen van de namen van Jezus, gaan 4 kinderen vlaggen. Dit zijn vlaggen met de namen: “Wonderbare raadsman” , “Machtige God” “Eeuwige vader” “Vredevorst”

Je kunt ook een extra vlag maken met “Emmanuel”