Ik hoor er ook bij
'Hansje, kom,
je moet gewassen worden.'
Moeder staat
te wachten in de badkamer.
'Kom, joh! Het
is al laat.'
'Even
wachten,' zegt Hansje, 'ik moet pappa's hand er eerst nog tussen doen.'
Moeder snapt
het gelijk.
Elke morgen als
vader zich heeft geschoren, mag Hansje de doos van het scheerapparaat
dichtklappen. Pappa laat dan per ongeluk zijn hand ertussen zitten en roept
heel hard: Au!
Hij huilt
zogenaamd.
Dat is zo
leuk.
Vandaag gaat
het weer precies zo.
Hansje komt
lachend naar moeder toe rennen in de badkamer.
Ze stopt hem
vlug onder de douche.
'Mag ik er nog
even onder blijven staan?' smeekt hij.
Ja, het mag.
Wat lekker is
zo'n douche toch!
Van plezier
gaat hij een zelfgemaakt liedje zingen.
'Ik sta tussen
de sterren en de verjaardagen.' zingt hij. 'Hier zijn de paradijzen en er is
nooit meer honger.'
Met de ogen
stijf dicht likt hij de spetterende druppels naar binnen tot moeder hem de
handdoek aangeeft om zich af te drogen.
Vandaag doet
Hansje zijn schipperstrui aan, een donkerblauwe met een rits, waarvan je de
kraag omhoog kunt zetten. Stoer staat dat, joh!
Kan die rits
ook open?
'Jawel, '
grapt moeder, maar dan zie je je borstharen.'
'Ik heb geen
borstharen, alleen maar op m'n armen.' stelt Hansje beledigd vast.
Pappa is er
ook bijgekomen.
Lachend geeft
hij mamma een kus, want hij moet naar zijn werk.
Hansje wringt
zich tussen die twee in en roept: 'Ik hoor er ook bij, hoor!'
Dat is zo. Dus
wordt hij ook gekust.
'En bij wie
hoor je nog meer?' vraagt vader dan.
Dat weet Hansje
best.
Bij de Heer
Jezus, natuurlijk.