A.B.C.
Het leek zo
gemakkelijk. Het nieuwe liedje dat Hansje op de zondagschool had geleerd.
A,B,C,D,E,F,G,
Halleluja.
H, I, J, K, L,
M, N, O, Heer Jezus.
O, P, Q, R, S,
T, U, U zij alle glorie.
U, V, W, X, Y,
Z,'k Ben gered.
Hansje had
hard meegezongen.
Hij keek naar
de plaatjes van het liedboek, want de woordjes kon hij niet lezen.
Wel die ene
letter, de H. Dat was zijn eigen letter.
Leuk, hoor!
Maar nu Hansje
thuis zit te spelen met zijn playmobile, weet hij het niet goed meer. Het
wijsje zoemt in zijn hoofd als een lastige bromvlieg.
Hansje moet
wel zingen.
A, I, J, K, M,
O.
Even
doorslikken hoor! Er komt zoveel spuug in zijn mond. Waar was hij ook al weer?
O ja!
Halleluja.
I, J, K, L, M,
P, O O, Heer Jezus.
U, R, X, Y, Z,
M, N 'k Ben gered.
Nee, overdoen.
A, L. M. O, P,
U, Z.
Weer fout. Ik
weet het niet meer,' zucht Hansje verdrietig.
Hij gaat
Marjon opzoeken. Die weet het vast wel.
Marjon! Marjon
is op de gang, zegt moeder.
Maar Hansje
ziet haar niet. Hij loopt de gang een beetje in.
Boeh! roept ze
ineens. Ze was weggekropen, die malle meid.
Hansje zegt:
Marjon, hoe was dat versje ook al weer?
Welk versje,
kleine paprika?
Waar m'n eigen
letter in zit.
Marjon weet
het. Ze zingt het voor. Hansje kruipt bij haar op schoot en zingt mee, zo goed
en kwaad als het gaat.
Als het liedje
uit is, roept hij luid: Retteketet.
X, Y, Z, 'k
Ben gered. Retteketet.
Hansje, dat
moet je niet zingen. Dat hoort er niet bij.
Maar Hansje
kan het niet laten.
Telkens als ze
het gezongen hebben, zingt hij weer.
Retteketet!
Mam, vraagt
Marjon. Mag dat wel?
Is dat niet
oneerbiedig?
Het is toch
een versje van de Heer Jezus.
Welja, zegt
moeder. In de Bijbel staat:
'De engelen in
de hemel zijn blij als er een mes gered wordt.'
Ze zijn dus
ook blij als er een kleine jongen gered wordt.
Hansje knikt
instemmend.
Ja, Marjon, de
engelen hebben een trompetje. Dat heb ik wel eens gezien. Een engel met een
trompetje.
En wat doet
een trompetje? vraagt zijn zus.
Ze zet haar
handen aan de mond en zingt: Retteketet.
Ze zet Hansje
een gekke pet op en geeft hem een deksel en een lepel. Zo loopt hij achter
Marjon aan.
Retteketet,
retteketet!