Heel hoog
Moeder is er
niet als Hansje thuiskomt.
Dat is niet zo
erg, hoor! Hansje gaat gewoon even lief spelen. Hij pakt een autootje en zet er
een poppetje in.
'Tuuttuuuttuut!'
Het autootje rijdt.
Het is zijn
lievelingsauto die hij in de vakantie kreeg.
Je kunt er
zand in doen.
'Tuuttuut.'
Het karretje
krijgt een harde duw. Dan rijdt het vanzelf.
Plong!
O, pas op! Het
gaat tegen Paul zijn banjo aan. Paul is Hansje's grote broer.
Hansje raakt
het instrument voorzichtig aan. Hij weet wel dat hij er niet aan mag komen.
Maar nu Paul zo dom was om hem niet op te bergen, kan Hansje de verleiding niet
weerstaan.
Hansje speelt
even: Ploing!
Leuk hoor! En
nog eens: Ploing!, ploing!
De snaren
trillen. O, pas op!
Daar komt
iemand aan in de tuin.
Het is Paul op
z'n brommer.
Gauw kruipt
Hansje achter de bank.
Paul merkt
niks bij het binnenkomen. Hij zet zijn helm weg. Pft! Wat heeft hij een dorst.
Een lekker
koel glas melk zou er wel ingaan.
Hansje hoort
alles vanuit zijn schuilplaatsje. Hij merkt ook dat zijn broer op de bank gaat
zitten. Ineens moet hij erg hard niezen.
Hatsjie!
Paul schrikt
even. Is hij niet alleen in de kamer?
'Kom jij eens
achter de bank vandaan, Hansje!' grijnst hij.
De kleine boef
blijft zitten.
Maar niet voor
lang.
Paul zoekt hem
op en tilt hem hoog, hoog in de lucht.
Hansje gilt
van angst en van plezier.
Zijn haren
raken het plafond. Zo hoog zit hij.
'Ik heb maar
even op je banjo gespeeld, Paul.' bekent hij.
'Dat moet je
nooit meer doen, Hansje!'
Ja, Hansje
weet het wel. Liefjes om Paul af te leiden vraagt hij: 'Speel eens een liedje
voor mij, Paul.'
Dat wil Paul
wel.
Hij pakt z'n
banjo en begint te tokkelen.
Ploing,
ploing, ploing.
'Welk liedje?'
Daar hoeft
Hansje niet lang over na te denken. Momenteel is zijn tophit: 'Jezus' liefde
gaat boven alles uit.'
Hij doet net
of hij ook een banjo heeft. Zijn ene arm houdt hij heel wijd en met z'n andere
tokkelt hij op z'n buik.
'Jezus' liefde
gaat boven alles uit.
Zo hoog, je
kunt er niet overheen,
zo laag je
kunt er niet onderdoor,
zo wijd, je
kunt er niet omheen.
Zijn liefde
voor mij.'
Ze zingen
samen tot moeder komt.
De grote en de
kleine jongen.