De blaadjes vallen van de bomen

 

In de kerk voelt Senne zich al helemaal thuis.

Net als de grote kinderen rent ze voor de dienst in de rondte, loopt van een schuine helling af, klimt op het podium…

En de andere kinderen zorgen ook goed voor haar. Vooral haar grote zus Femke en haar broer Coen.

Vandaag zijn opa en oma ook in de dienst, want er is een mimespeler, die ze graag nog eens willen zien.

Als de dienst begint tilt oma Senne op. Samen dansen ze in de rondte op de vrolijke wijs van een lied.

Mamma staat vooraan mee te zingen.

Ze doet ook een mededeling. “Straks gaan de kinderen tot vier jaar naar een zaaltje apart,” zegt mamma. “Daar gaan ze spelen.”

Senne wil gelijk uit oma’s armen.

“Ikke pele!”zegt ze.

Nee, kleine schat, nog twee liedjes zingen,” zegt oma lachend.

Dat snapt Senne gelukkig.

Ze kijkt naar de grotere kinderen die op het podium zwaaien met hun vlag.

 

Na de dienst gaat Senne op het speelplein spelen.

Er liggen veel blaadjes, want het is herfst.

Opa schuifelt met zijn voeten door de bladeren om haar aandacht te trekken.

Dat vindt Senne leuk.

Sjuf, sjuf, sjuf!

Na een tijdje denkt ze: Waarom liggen al die blaadjes op de grond? Ze horen toch aan de bomen te zitten?

Ze pakt een blaadje. Ja, er zit een steeltje aan. Ze kijkt naar boven. Daar is de boom…

Oma hoort haar denken. “Kom, Senne, zullen we de blaadjes er weer aan doen?” vraagt ze.

Senne wordt hoog opgetild. Ze past het blaadje aan de boom, maar dat blijft natuurlijk niet zitten.

Oma houdt het blaadje vast en zegt: “Nu moet je blazen. Zo… fff, fff, fff… en dan waait het blaadje er af.”

Senne kijkt haar aan alsof ze wil zeggen: “Nou, oma, zo werkt het niet, hè?“

Ze wurmt zich los. Er zijn nog zoveel meer leuke dingen te beleven op het plein.

 

Later, als ze thuis met z’n allen aan de lunch zitten zegt ze onverwacht: “Kerk leuk!”

“Was het leuk in de kerk, Senne? Bij de kindjes?…”

Senne knikt. Ze heeft heel wat te vertellen, maar waar haal je alle woorden vandaan.