De voetbalwedstrijd
Coen is met zijn vader een
balletje aan het trappen op het grasveld in de tuin van opa en oma.
Maar mamma en Femke willen
meedoen.
Denk je soms dat meiden niet
kunnen voetballen?
Echt wel.
Ze maken er een wedstrijdje
van. Senne dreutelt wat rond met haar kleine pootjes.
Ze vindt een grote plastic
auto, waar ze koninklijk in gaat zitten om het spel te bekijken.
Nederland tegen
Tsjechoslowakije.
Coen doet maar even zijn
schoenen uit, dat loopt beter. Hij heeft zweetbandjes om zijn enkels.
Zijn sokken zijn pikzwart
geworden, dus doet hij die ook maar uit.
Oma moet scheidsrechter
zijn. En opa? Die kijkt alleen maar.
Coen gaat gauw nog even een
tellertje halen, dat bij een tafelvoetbalspel hoort.
O ja, hij heeft ook nog een
gele en een rode kaart nodig.
Zal hij papiertjes kleuren?
Welnee, oma heeft altijd
gekleurd papier in huis.
“Oma, we hebben maar twee
kaarten nodig hoor, doe die andere maar weg.”
Tja, dat is andere koek dan
wat die scheidsrechters op de tv doen!
De wedstrijd begint.
“Pap, blijf nou toch in het
doel staan!” schreeuwt Coen als mamma met een noodgang aan komt zetten.
Te laat. Het is een- nul
voor Nederland!
Coen is snel, maar Femke is
slim. Ze schiet de bal gewoon tussen mamma’s benen door, mis. Net op tijd weet
Coen, die goed is in verdedigen, de bal de andere kant op te trappen.
“Pas op de plantjes van
oma!” roept mamma. Ze let zeker niet goed op, want de bal gaat in het doel van
de meiden.
Een-een.
Ja, Femke kan ook moeilijk
spits en keeper tegelijk zijn! Waarom let mamma dan ook niet beter op?
Rooie kaart schreeuwt oma op
zeker moment.
Wat is er gebeurd?
Pappa en mamma vochten om de
bal en mamma duwde pappa weg.
Mamma vindt dat het niet
terecht is.
“Dan moeten we maar even de
herhaling zien,” zegt oma.
Heel langzaam draait mamma
om pappa heen en ja nou ziet oma het wel.
Papa en mamma krijgen
allebei een gele kaart.
Ik had echt niks gedaan
hoor, protesteert pappa.
De wedstrijd gaat nog een
tijdje door.
Coen raakt geblesseerd aan
zijn voet en Femke haar beenspieren moeten gemasseerd worden.
Is er geen EHBO-er? Ja,
pappa, die werkt op de ambulance, maar nu is hij even vrij hoor! Dan doet oma
het maar. Die kun je voor alles inzetten.
Het eindigt voor de rust in
vijf- zes voor Tsjechoslowakije.
Pappa is bekaf. Mamma ook.
Coen en Femke gaan water drinken bij de kraan.
“Gelukkig is het maar een
halve wedstrijd,” denkt het grote konijn met zijn lange oren. Hij vond al dat
gebal maar niks.