Die Senne toch!
Ik heb niks te doen, klaagt
Femke van negen.
Ze is met mamma, Coen en
Senne een dagje bij oma.
Oma en opa hebben een heel
grote tuin met schommels en een glijbaan…
Er is ook een kast met
spelletjes en een ton vol playmobiel.
Coen wil altijd graag op de
computer.
Naar een dvd kijken vindt
hij ook leuk.
Maar van veel computeren en
filmpjes kijken, word je dik en lui.
Oma zegt: Femke, er is een
barbiecaravan. Ga daar mee spelen.
Ja, dat is een leuk idee.
Een barbiecaravan buiten in
de tuin. Net echt.
Femke zet alle spulletjes op
zijn plaats.
Senne, die één jaartje
is, vindt het ook leuk. Ze pakt een
paar barbies en geeft ze aan oma.
Beebie! zegt ze, Beebie.
Ze vindt een jurkje van de
barbie. Dat wil ze zelf wel aan.
Ze loopt naar opa en trekt
aan haar eigen jurk.
Aan, aan!
Nee, kleine schat, dat is
voor de pop. Opa trekt het jurkje bij de barbie aan, zo maar over een ander
jurkje. Dat vindt hij makkelijker.
Als Femke uitgespeeld is
gaat ze weer schommelen.
Senne loopt gauw naar de
barbiecaravan toe en gaat er mee spelen.
O wee! Ze gooit het tafeltje
omver. Alle bordjes en kopjes vallen op het gras.
Senne! roept Femke, stoute
meid!
Ach, laat haar maar even,
zegt mamma. Jij was toch uitgespeeld.
Senne moet van mijn spullen
afblijven, roept Femke boos.
Senne, laat dat!
De kleine schat schrikt
ervan.
Ze wilde alleen maar een
beetje spelen.
Blijft Femke nu boos op haar
zusje?
Tuurlijk niet.
Als Senne even later valt gaat
Femke haar gauw troosten, want ze is dol op het leuke zusje, dat ze van de Heer
Jezus heeft gekregen.
Senne krijgt een dikke kus.