Ludwig Zinzendorf en de rover

 

Graaf von Zinzendorf leefde van 1700 - 1760 in Duitsland. Hij hield heel veel van de Heer Jezus. Dat Jezus, het Lam van God, voor onze zonden aan het kruis ging, wilde hij wel over heel de wereld gaan vertellen. En dus maakte hij vele reizen, naar Nederland, Engeland en Amerika. Ook stuurde hij zendelingen naar de meest onherbergzame streken. Naar de eskimo's en de indianen, naar Lapland en Suriname.

'Vertel hen van Jezus en van Hem alleen!' zei hij altijd.

De zendelingen kregen van de Graaf een dukaat mee, ongeveer fl. 5,- en moesten maar zien hoe ze aan de kost kwamen. Dat was ontzettend moeilijk, maar God hielp zijn knechten. Von Zinzendorf had het zelf ook niet makkelijk. De mensen van zijn eigen kerk zetten hem het land uit.

 

Op een van de vele reizen die hij maakte, werd hij eens overvallen door een rover, die zijn geld opeiste onder bedreiging van een zwaard.

'Je geld of je leven,' dreigde de dief. De graaf aarzelde geen moment, maar gooide hem zijn goedgevulde beurs toe. Ach, wat kon hem dat geld schelen. Hij had immers een schat in de hemel. Die kon niemand hem afnemen.

'Alsjeblieft, beste man,' zei hij vriendelijk. 'Wees er gelukkig mee.'

En dan met een schouderklopje: 'Maar als je eenmaal aan de galg bungelt, denk er dan aan, dat Jezus ook voor jouw zonden is gestorven en dat Hij ook jou wil redden.'

De dief rukte zich los en ging er als een haas vandoor.

 Nooit had Von Zinzendorf kunnen denken dat hij deze rover nog eens terug zou zien en hoe. Toch was het zo. Jaren later liep de graaf hem namelijk weer tegen het lijf.

'Hé, kijk nou eens. Dat is die dief van vroeger!' dacht hij verbaasd. 'Maar wat ziet hij er netjes uit. En zijn gezicht staat zo vriendelijk. Hoe zou dat zo gekomen zijn?'

De boef van vroeger herkende hem ook en schudde hem dankbaar de hand.

'Meneer,' riep hij uit, met tranen in de ogen, 'Wat fijn om u te zien. Door u ben ik tot inkeer gekomen. Ik ben gestopt met mijn slechte daden en heb nu ook de Heer Jezus liefgekregen. Dankuwel, dat u mij de waarheid zei.'

Er kwamen veel mensen uit de buurt om hen heenstaan en allemaal vertelden ze hetzelfde. Deze man was echt een fijn mens geworden, die alles voor anderen over had.