Kim Bim Lin en de Bijbel

 

Hoeveel sommige mensen ervoor over hebben om een bijbel te krijgen, kun je lezen in onderstaand verhaal.

 

Kim Bin Lin, een Koreaanse jongen van twaalf jaar, had van mensen vernomen, dat er in een dorp over de berg Bijbels te koop werden aangeboden door iemand van het Bijbelgenootschap.  Als men geen geld had om er een te kopen, mocht men ook betalen met levensmiddelen of andere waardevolle dingen. In natura heet dat.

Kim Bins hart sprong op van vreugde. Dit was zijn kans. Sinds zijn moeder en hij de blijde boodschap hadden gehoord van een rondtrekkende evangelist, hadden ze heel vaak gebeden om een Bijbel, zodat ze zelf de verhalen van God konden lezen.

'Moeder,' riep hij toen hij thuiskwam, 'Wat kunnen wij geven om een Bijbel te kopen?'

Moeder had nog twee zakken bonen staan. 't Was wel een heel offer om die te ruilen, want hiermede moesten ze de winter doorkomen. Maar toch besloten ze, dat ze liever een Bijbel hadden. Kim Bin Lin kleedde zich warm aan, deed z'n dikste laarzen aan, zwaaide de zakken op z' n rug en vertrok. Over de berg moest hij heen. Dat betekende een klautertocht van twintig kilometer over een 2000 meter hoge bergpas.

Je kunt je misschien voorstellen hoe zwaar dat was. Halverwege ging het bovendien nog sneeuwen. De wind wakkerde aan en Kims voeten gleden steeds weg. De weg ging langs diepe ravijnen en vooral de afdaling kostte hem bovenmenselijke inspanning. Maar tenslotte bereikte hij toch het andere dorp.

 

Wat waren er veel mensen aanwezig in de kerk. Ze hadden ook van alles meegebracht om te betalen. Eieren, rijst en bonen. Een stel kippen, met de poten vastgebonden lagen luid te kakelen van ellende. Plotseling werd de deur opengegooid en zag men een gebochelde sneeuwman binnen komen. Iemand stond op en hielp hem. Ze klopten alle sneeuw van hem af en het bleek Kim te zijn uit het dorp over de berg.

Toen hij eindelijk weer een beetje kon praten was het eerste dat hij zei tegen de bijbelverkoper: 'Ik wil ook graag een bijbel hebben, alstublieft.'