Programma Nr.3
Week 3 Hoe moet je bidden?
Geschreven
door Josine de Jong (zie Bijbelverhalen.nl)
Lezen uit
de bijbel week 3
Exodus 17:8
Strijd tegen Amalek
9 Toen zei Mozes
tegen Jozua: ‘Kies een aantal mannen uit en trek met hen tegen Amalek ten strijde. Ikzelf zal morgen op de top van de heuvel
gaan staan, met in mijn hand de staf van God.’
10 Jozua deed wat
Mozes hem had opgedragen en trok tegen Amalek ten
strijde, en Mozes ging naar de top van de heuvel, samen met Aäron
en Chur.
11 Zolang Mozes zijn
arm opgeheven hield, was Israël de sterkste partij, maar liet hij zijn arm
zakken, dan was Amalek de sterkste.
12 Toen Mozes’ armen
zwaar werden, legden Aäron en Chur
een steen bij hem neer, zodat hij daarop kon gaan zitten. Zelf gingen ze aan
weerszijden van hem staan, om zijn armen te ondersteunen. Daardoor konden zijn
armen opgeheven blijven totdat de zon onderging.
13 Zo versloeg
Jozua het leger van Amalek tot de laatste man.
Verklaring:
Mozes
was de oude leider. Hij deed voorbede voor zijn volk.
Aäron
was de hogepriester.
Chur
was een helper.
Jozua
was de aanvoerder van het leger. Later volgde hij Mozes op.
Refidim
betekent zwakte. Het gebeurde vlak voor ze op de Sinaï
de Tien Geboden ontvingen. Hun verlangen naar God was verflauwd. Hun geloof
stond op een laag pitje. En de Amalekieten vallen
juist dan aan. En dan ook nog in de achterhoede.
Alleen
gebed kan ons helpen uit de ellende te komen.
de staf
van God
dat was
de vroegere herdersstaf van Mozes. God is onze herder.
Zo versloeg Jozua
Jozua
vocht, maar Mozes bad. Wie gaf nou de overwinning?
Heb je wel eens twijfels over je geloof in God? Denk je wel eens: Ik doe er niet meer aan? Hoe zou je je geloof kunnen opbouwen?
Kun je ook voor een ander bidden? Heb je dat wel eens gedaan? Heeft God je gebed wel eens verhoord toen je bad voor een ander?
Bedank je God wel als hij je gebed heeft verhoord?
Wat is het verschil tussen bidden en danken?
Is bidden ook strijden?
Bid je wel eens voor je klas, je meester, de politie, de regering?
Geschreven door Josine de Jong (zie bijbelverhalen.nl)
Kom jij wel eens achteraan? Kun je
wel eens niet zo vlug mee als de anderen? Dan ben je net als Hansje in het
volgende verhaal. Hij was een kind van het volk van God, dat door de woestijn
trok naar het Beloofde Land. Op een dag beleefde hij me toch een avontuur! Moet
je horen.
'Hansje, loop nou eens door!'
roepen een paar kinderen. 'De anderen lopen al op de hoogvlakte en jullie zijn
nog in die donkere kloof.'
Hansje pakt de hand van oma wat
steviger vast.
'Kom oma,'
fluistert hij bezorgd, 'Nog even doorzetten. We zijn bijna bij de rustplaats.'
Ja, Hansje zorgt heel goed voor
zijn oma. Al een hele tijd. Al sinds hij zijn vader en moeder heeft verloren.
Hij wast 's avonds haar voeten en dekt haar met een extra deken toe als ze het
's nachts weer eens zo koud heeft. En ja, oma kan natuurlijk niet zo vlug
lopen.
'Gaan jullie maar vast, hoor!'
zegt Hansje tegen zijn vriendjes. 'Wij komen zo, oma en ik.'
Net willen de kinderen weghollen
als er plotseling als vanuit het niets een man voor hen op de weg springt. Hij
had al die tijd verborgen gezeten achter een rotsblok. In een flits zien de
kinderen zijn blote getatoeëerde armen en zijn gebroken tanden. Nog een man
springt te voorschijn en nog één. Het zijn Amalekietische
rovers, te zien aan hun kleren. Hun kromme scherpe zwaarden zwaaien ze
gevaarlijk in het rond. Een korte tel staan de kinderen stokstijf van de schrik
en dan zetten ze het toch op een gillen! De rovers trekken zich er niets van
aan. Ze rukken zomaar de gouden ketting van oma's hals en geven Hansje een klap
op z'n hoofd, zodat alles zwart voor zijn ogen wordt.
'Mozes! Mozes! De Amalekieten! Ze hebben de achterhoede aangevallen. Ze
hebben ook goud gestolen. We zijn ze achterna gegaan, maar tevergeefs. Ze
verschuilen zich daar bij die kloof in de rotsen.'
Dat komen een paar jonge kerels
Mozes vertellen. Sjonge, wat is Mozes boos. Wat een lafaards om juist de
zwakken aan te vallen.
'Jozua,'
roept hij meteen tegen zijn assistent, 'Het is nu al te laat, maar zoek vast
sterke mannen uit en ga er dan morgenochtend meteen op af. Ik zal daar op die
heuvel gaan staan met de Staf van God in mijn hand.'
Zo gezegd, zo gedaan. Als Hansje
de volgende dag wakker wordt in de tent van zijn tante, hoort hij de soldaten
van Jozua al langs marcheren. Hoewel hij nog wat hoofdpijn heeft van de klap
van gisteren kan hij het toch niet laten om samen met zijn vriendjes naar het
verloop van de strijd te gaan kijken. Op veilige afstand natuurlijk, samen met
de rest van het volk. Het is een zware en felle strijd. De Amalekieten
zijn met velen en gewend om met een zwaard te vechten. Ja, nogal logisch als je
zowat elke dag traint. Jozua en zijn mannen vechten fanatiek terug, maar steeds
meer Israëlieten raken gewond.
'O, Here,
help ons toch!'
Mozes, die met Aäron
en Chur op de heuveltop staat, schreeuwt het uit tot
God. Met zijn beide handen houdt hij de staf van God omhoog. En ja hoor, de
Israëlieten beginnen te winnen. Met een schreeuw storten ze zich op hun
vijanden. Mozes laat zijn handen opgelucht zakken.
'Kijk uit, rechts! Ja, let op die
kleine dikke..!'
Chur lijkt wel
een trainer die zijn club vanaf de kant toeroept. Van bovenaf kunnen ze goed
zien hoe de Amalekieten listig gebruik maken van
rotsblokken om achter weg te duiken.
'Hou vol!
O nee!...'
De vijand komt weer opzetten met
vernieuwde kracht. Eén, twee drie Israëlieten tuimelen ter aarde.
'Here!!' schreeuwt Mozes weer. Hij heft de staf op zo hoog als
hij maar kan. 'Red ons!'
Ook deze aanval wordt afgeslagen.
Jozua kijkt hun richting uit en steekt zijn duim op als teken dat het weer goed
gaat. Het is voor hen een fijn gevoel dat Mozes met hen meestrijdt.
Aäron, als
altijd nogal bedachtzaam, is echter iets opgevallen. Hij roept plotseling uit:
'Ik heb het! Broer, ALS JIJ DE STAF OPHEFT, WINNEN WE. Als jij de staf laat
zakken verliezen we. Heb je dat ook gemerkt?'
Het is waar. Iedereen ziet het nu.
'Houd de staf omhoog, gauw!'
roepen ze Mozes toe.
'Maar m'n
armen worden zo moe!' kreunt Mozes.
'Wacht eens...' Chur is nogal vindingrijk. Snel sleept hij een platte steen
achter Mozes om op te zitten. Vanaf dat moment heeft de vijand geen kans. Tegen
zonsondergang is de strijd voorbij.
Zie je al die kinderen daar lopen,
de armen om elkaars schouder? Ze hebben Jozua en zijn mannen ingehaald en zingen
hun kelen schor... Helemaal achteraan met een verband om zijn hoofd loopt
Hansje, een beetje treurig. Hij denkt aan zijn lieve oma, die er niet meer is.
Niemand let op hem. Niemand? Ja toch! Mozes ziet hem. Vanaf een afstandje wenkt
hij hem. En dan... O, het is haast niet te geloven. Hansje mag zomaar naast de
grote leider staan, hand in hand, als deze de soldaten toespreekt. Hij krijgt
er een kleur van.
'Mensen, '
zegt Mozes, 'Laten we een altaar voor God bouwen en Hem danken. Toen ik de staf
ophief, gaf God ons de overwinning. Schrijf alles op wat Amalek
heeft gedaan. En jij, Jozua, onthoud het goed, hè?'
Met een kneepje in Hansjes hand
voegt hij eraan toe: 'Die lui, die de zwakken en de kinderen aanvallen, die zal
God voor altijd bestrijden!
EN ZO IS HET!'
Getroost kijkt Hansje naar de oude
grijze man. Hij ziet de vriendelijke ogen en de rimpeltjes in zijn gezicht en
hij weet: 'Ik hoor bij Gods volk. Ik ben niet echt alleen.'
Eerbied week 3
Vader, zo af en toe maken we
allemaal wel eens een nare periode door. Ik dank u dat er dan vrienden zijn die
voor mij bidden.
Ook in normale tijden wil ik voor mijn vrienden bidden. Geeft u ze moed
om het goede te kiezen en het slechte te laten.
Jezus help me om vol
te houden met bidden, ook al zie ik lange tijd geen verhoring. Onze gebeden
komen voor uw troon als we bidden in uw naam.
U weet
wat het beste is in ons leven. Dank u wel voor uw liefde. Amen.
Opdracht week 3
Er zijn verschillende vormen
van bidden.
(We beperking ons tot de
protestantse gewoontes)
A. Smeekbeden, B. voorbeden,
C. dankgebeden, D. lofzeggingen, E. aanbidding, F.
tafelgebeden, G. schietgebedje, H. belijdend gebed, I. het Onze Vader, J.
kringgebed, K. voorgeschreven gebeden, L. vrije gebeden.
Hieronder lees je gebeden.
Kun jij zien wat voor gebed dat is?
Zet de juiste letter bij het
juiste nummer. (Je kunt deze opdracht ook
klassikaal doen of in groepen.)
|
|
Ik houd van u en wil u dienen
met heel mijn hart. Ik geef mij over aan uw wil. |
|
|
Help,
Jezus, help alstublieft. Er
loopt een rare man achter mij aan. |
|
|
Wat fijn dat we allemaal
gewoon met u mogen praten. De één heeft dit gebed en de ander een ander, maar
u kent het hart van iedereen en u weet wat we bedoelen. |
|
|
Ik lees dit gebed voor uit
een boekje, Heer Jezus. De woorden zijn van iemand anders, maar ik vind ze zo
mooi. |
|
|
Het spijt me, Vader, dat ik zo heb gelogen. Vergeef
mij alstublieft |
|
|
We zitten in een kring en
bidden om de beurt, Vader, want we horen bij elkaar als uw kerk. |
|
|
Ik bid u voor oma, die in
het ziekenhuis ligt. Geeft u haar kracht en genees haar. |
|
|
Heer, zegen het voedsel
wat voor ons staat. |
|
|
Onze Vader in de hemel, uw
naam moet worden geheiligd. |
|
|
U bent God, de
allerhoogste. Er is niemand zoals u. |
|
|
Vader, wij smeken u in
Jezus’ naam om een oplossing voor dit probleem. |
|
|
Voor gezondheid en vrede
danken wij u. Voor alle goede dingen. |
Mogelijkheid 2.
Geef elk kind een regel, die
het om de beurt moet voorlezen voor de klas.
Laten de anderen een letter
leggen op hun blaadje bij het juiste antwoord. Later controleren.
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Tekst week 3
Psalm 116:1,2
De
HEER heb ik lief,
hij
hoort mijn stem, mijn smeken,
hij
luistert naar mij,
ik roep
hem aan, mijn leven lang.
Vergroot dit plaatje.
Schrijf de zinnen op vier wieken van een molen. Of nummer ze.
Deze teksten geven
kracht. Net als windkracht bij een molen.
Activiteit
week 3
Teken een stripje.
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
1. Teken een mannetje dat
een zaadje in de grond stopt
2. Het mannetje bidt en de
boom groeit.
3. Er zitten appels aan de
boom en het mannetje staat te springen van blijdschap.
4. Dan komt er een storm en
de boom breekt af. Alles is weg, de man huilt.
5. Het mannetje bidt. In een
kring om de voormalige boom heen komen allemaal appelbomen die vruchten dragen
uit de pitjes van de vorige appels.
Je kunt dit ook uitspelen door middel van mime.
Of in het groot voor op de muur, waarbij elk groepje
één onderdeel doet.
Verzin een goeie slagzin om
eronder te zetten.
2. Geef de kinderen een gebedsboekje, een leeg
opschrijfboekje. Aan de linkerkant schrijven ze voor wie of wat ze bidden. Of
voor hun eigen dingen. Aan de rechterkant de gebedsverhoringen. Achterin kunnen
ze beloftes van God schrijven. Dit is een reuzengoed hulpmiddel bij het
dagelijks gebed. Er kunnen ook foto’s in van vriendinnen of iemand kan er een
gebedsverzoek inschrijven.
3. Kijk eens bij een zendingsorganisatie of ze iets
voor kinderen hebben. Bijv. Open Doors, Wycliffe, Dorkas.
Quiz week 3
Welk vraag-nummer hoort bij
welk antwoord-nummer ?
Zie de antwoorden onderaan deze pagina
|
|
Vragen
|
|
Antwoorden
|
|
1 |
Wat deed Mozes toen ze werden aangevallen door de Amalekieten? |
1 |
Hij bad met
zijn handen omhoog. |
|
2 |
Wie trok er ten strijde? |
2 |
Dan verloren
ze. |
|
3 |
Wat gebeurde er toen Mozes’ armen moe werden? |
3 |
Het gebed
dat Jezus ons leerde. |
|
4 |
Waar vielen
de Amalekieten aan? |
4 |
Aäron en Chur
ondersteunden zijn armen.
|
|
5 |
Als Mozes’ armen zakten wat gebeurde er dan? |
5 |
Voor een ander bidden. |
|
6 |
Wat betekent
voorbede doen? |
6 |
De achterhoede |
|
7 |
Is bidden ook
strijden? |
7 |
Jozua |
|
8 |
Wat is een
tafelgebed? |
8 |
Ja, in de geest. |
|
9 |
Wat is het
Onze Vader? |
9 |
Bidden met een groepje in een kring. |
|
10 |
Wat is een
kringgebed? |
10 |
Een gebed voor het eten. |
Boekje De Bergrede.