KE18 - Een spannend
kerstverhaal
Wat denk je
dat er in een goed kerstverhaal moet zitten? Het moet gaan over een
jongen/meisje.
Die moet
met kerstmis iets spannends beleven. Maar aan het eind moet het goed aflopen. Het meisje/de jongen moet dan meer van Jezus aan de weet
zijn gekomen. Er moet een baby in voorkomen en een moeder. Ook een vijand, die
de baby wil doodmaken, laten we zeggen een drugsdealer, met zijn vrienden, van
die stoere bodyguards met spierballen van hier tot gunder.
Wat voor soort meisje/jongen is het? Een Nederlandse Surinaamse? Ze heet? Jodi? Waar speelt het zich af? In een flat in Rotterdam?
Bij wie
gaat het meisje vluchten als ze in gevaar is en haar moeder is er niet?
Bij een
lieve oma, die haar het kerstverhaal vertelt? Komt er nog politie aan te pas en
schieten? Het meisje heeft natuurlijk een gsm-metje.
Om het niet al te zwaar te maken moeten er ook grapjes in. Oké, ze gooit haar
wekker tegen de muur, omdat die niet uit wil gaan... Waarom is haar moeder
eigenlijk weggegaan? Het is maar voor een dagje en ze is naar Amsterdam, naar
haar familie om hulp te vragen.
Ze heeft
haar ouders al een jaar niet gezien, maar nu heeft ze hen nodig, want...
Die moeder
heeft veel schulden gemaakt en er komt een deurwaarder aan de deur. Misschien
worden ze wel uit hun huis gezet en al hun spullen verkocht. Dan moet het
meisje en de baby met hun moeder op straat gaan slapen, als zwervers!!! O, ik voel de bui al hangen.
Tringggg Tringgg tringgg
Jodi ligt
lekker warm onder haar dekbed als de wekker afloopt. Ze schrikt wakker. Waar is
ze? O ja, ze is alleen thuis, mamma is vanochtend toen ze nog sliep al heel
vroeg vertrokken naar Amsterdam met de baby Pam in de
kangeroodoek.
Tring, tring, tring!
Houd dat
ding nou nooit op? Mamma had de wekker bij haar bed gezet, omdat ze Jodi niet zelf wakker kan maken om acht uur.
Jodi
vliegt overeind. Nou moet het afgelopen zijn met dat rotding. Ze geeft hem een
klap op zijn kop, maar de wekker blijft gewoon doorgillen.
Tring! Tring!!
Jodi
wordt er gek van. Ze smijt hem door de kamer heen en gilt. Hou
op, ik kom niet uit bed. Ik wil niet naar school, eikelding!
Tring, tring, tring!
In een hoek
ligt de wekker nog gewoon door te gillen. O, nou moet Jodi
ook nog uit bed, met haar grote blote voeten op het koude zeil.
Stop! Gilt
ze, maar de wekker blijft gewoon doorratelen. Jodi
denkt even na. Weet je wat, ze stopt hem gewoon onder haar matras met een
kussen er bovenop. Heel zachtjes en in de verte klinkt nog het ring, tring... Na een tijdje stopt het ding vanzelf.
Door dat
gevecht met de wekker is Jodi nu meteen klaar wakker.
Het is de
woensdag voor kerst. Wat zal ze eens gaan doen? Een
ding is zeker. Jodi gaat niet naar school vanochtend.
Gewoon geen zin. Lekker spijbelen en doen waar je zelf zin in hebt. Omdat het
woensdag is is het toch maar een halve dag. Met een
lekker broodje met veel jam, pindakaas en chocoladehagelslag boven op elkaar,
duikt ze achter de tv in haar pyjama, haar kroesharen als een wild oerwoud
overeind. Dit wordt vast een superdag.
Om een uur
of twaalf heeft Jodi tien filmpjes gezien, zich
aangekleed, een fles cola leeggedronken, de restjes chips van de vorige avond
opgegeten en vijf spelletjes op de computer gedaan. Ze rekt zich eens uit. Bah,
wat word je suf en stijf van al die beeldverslaving.
Voordat ze
kan bedenken wat ze verder zal gaan doen gaat de bel. Wie zou dat nu zijn. Jodi kijkt door het raampje in de deur. Er staat een man
voor. Zou ze open doen? 'Wat wilt u?' schreeuwt ze. De man zegt: 'Ik heb een belangrijke
brief voor je moeder. Doe open.'
Jodi
aarzelt. Ze mag geen vreemde mannen binnenlaten.
'Doe de
brief maar door de brievenbus,' schreeuwt ze.
Nee, dat
kan niet, ze moet tekenen. Op haar hoede opent ze de deur.
De man blijkt
een deurwaarder te zijn met een dwangbevel. Jodi weet
best wat dat is. Als je veel schulden hebt en je betaalt niet, dan komt zo
iemand aan de deur. Binnen een paar weken betalen, anders word je je huis uitgezet. Er zijn al meer deurwaarders aan de deur
geweest.
Ze tekent
en de man verdwijnt. Jodi gaat maar meteen even de
post uit de brievenbus halen. Natuurlijk niet vergeten de sleutels mee te
nemen. Stel je voor, straks kan ze niet eens in haar eigen huis.
Er liggen
drie brieven en een kaart in het postvakje. Rekeningen en een kaart van haar
tante in Suriname.
Nou, zal
mamma blij mee zijn. Ze smijt de rekeningen met een zucht in de la van het
dressoir, bovenop de ongeopende stapel vorige rekeningen. Ze krijgt en eng
gevoel in haar maag als ze eraan denkt, dat... wie weet, er op een dag mannen
komen die hen het huis uit gaan zetten.
Waar moeten
ze dan naar toe... Zwerven, buitenslapen onder een
vuile deken?
Plotseling
klinkt er een vrolijk deuntje. Jodi graait haar gsm
naar zich toe. Het is mamma.
'Hai schat,' zegt mamma gejaagd,
'ben je al uit naar school? Gelukkig, ik bel je even, want je moet meteen weg.
Doe je jas aan, pak de sleutels en ga zo gauw je kunt weg.'
Weg? Waarom
dat?
'Ja, weg,
deur op slot draaien, geen gas of electrisch
aanlaten... Ga maar naar eh... Eh,
ga maar naar de moeder van je vriendinnetje, of zo.'
Wat is er
aan de hand? Waarom zo'n haast? Is er gevaar.
'Ja, groot
gevaar. Brakkie, die neef van ons... hij wil mij
dwingen om drugs te smokkelen, bolletjes te slikken, je weet wel en nu zijn ze
op weg om jou....'
Tringtringtring
De deurbel
gaat heel dringend. Jodi schrikt.
'De bel,
mam...'
'Niet
opendoen! Luister, Jodi...'
De
verbinding wordt verbroken. Jodi is doodsbang.
Tringtringtring! Iemand trapt tegen de deur. Jodi graait haar
jas en sleutels bijeen en gaat naar het achterbalkon. Zorgvuldig sluit ze de
balkondeur weer dicht en dan klimt ze over het hek, dat hun woning scheidt van
de buurvrouw, oma Pia.
Het is erg gevaarlijk, ze slingert haar benen buitenom en komt
met een plof op oma Pia's balkonnetje.
Die schrikt
zich naar als ze ineens op haar balkondeur hoort kloppen. Jodi
gebaart met haar hand tegen de mond, dat oma niet moet praten en zachtjes
sluipt ze naar binnen.
'Oma, draai
de deur op slot, gauw!' hijgt ze.
Even later
zit ze achter een warme kop chocolademelk op de bank bij oma Pia. De
overgordijnen hebben ze dichtgedaan, voor de inkijk. Hier is ze veilig. Oma Pia
heeft mamma gebeld en nu weet ze precies wat er aan de hand is.
Mamma is
naar Amsterdam om geld te krijgen om haar schulden af te betalen. Ze dacht dat
haar neef wel zou willen helpen, maar dat blijkt een gangster te zijn. Hij
dreigt met ontvoering van Jodi als ze niet ingaat op
zijn voorstel. Mamma is nu onderweg naar haar ouders, die ze een paar jaar niet
gezien heeft. Zouden ze haar nog te woord willen staan na die grote ruzie van
destijds? En wat erg belangrijk is, zouden ze haar willen helpen om haar
schulden te betalen?
Oma Pia
stelt Jodi gerust. Ze heeft een manier van doen, die Jodi kalmeert. Vooral als ze de kinderbijbel pakt met die
mooie platen en het kerstverhaal gaat lezen. Jodi
weet er niet veel van.
Ze hoort
het verhaal van een vrouw, Maria, en Jozef haar man, die
ook moesten vluchten met hun kindje voor een gemene koning. Die koning wilde
alle kleine kindjes vermoorden, omdat hij bang was dat een van hen in zijn
plaats koning zou worden. Het loopt gelukkig goed af voor het kindje Jezus.
'Pia,
waarom zijn er eigenlijk zoveel gemene mensen op de wereld, ik hoor dat ook
vaak op de tv en ik lees erover in de krant.'
Pia aait
even over Jodi's krullebol,
'alle mensen hebben zonde gedaan, niet een uitgezonderd, ook jij en ook ik.'
zegt ze. 'Daarom kwam Jezus nu juist naar de aarde. Hij was Gods zoon. Later
heeft Hij onze straf gedragen aan het kruis. Kijk maar.' Ze
bladert wat door de kinderbijbel. Jodi ziet een man
aan een kruis hangen. Bizar, wat eng!
Pia legt
uit wat Jezus voor ons heeft gedaan. Ze vertelt van de kribbe, de stal, de
herders en de wijzen. Ook van de genezingen die Jezus deed en van Zijn
prachtige woorden die mensen troostte. Jodi wist
helemaal niet dat Jezus ook voor haar een plaatsje klaar maakte in de hemel. Ze
wil eigenlijk graag bij Jezus horen.
Plotseling horen
ze een politiewagen aankomen in de straat. Ze gaan even achter de gordijntjes
loeren.
Peppu, peppu, met piepende remmen stopt de wagen voor de deur van
hun flatgebouw.
Er springen
twee agenten uit die meteen naar binnen rennen.
Wat is er
gebeurd?
Heeft mamma
soms de politie gebeld? Zitten die maffialui soms bij Jodi
in huis?
Ja, zo is
het. Jodi trilt van angst. Oma Pia drukt haar stevig
tegen haar blauwe schort, die naar afwaswater ruikt. Ze horen gestommel in het
huis, geschreeuw: 'Handen omhoog! Politie! Leg je wapen neer!'
'Jezus wilt u ons bewaren,' bidt Pia en Jodi
bidt mee. 'Jezus, help.'
Na een paar
minuten zien ze dat de politie twee mannen geboeid in de politiewagen duwt.
Er staan nu
veel mensen te kijken. Ze praten in groepjes verder over wat er gebeurd kan
zijn.
Jodi
hoort haar gsm weer afgaan.
'Mam?'
snikt ze.
'Jodi!! Lieverd, leef je nog?'
'Doe niet
zo stom mam, tuurlijk leef ik nog, ik zit bij
buurvrouw Pia.'
'Kind, ik
heb doodsangst uitgestaan.'
'Nou,
anders ik wel.'
'Ben je veilig?'
'Jaha! Waar
ben je mam?'
'De auto
waar ik in zit draait net de hoek om. Zie je me? Ik kom eraan met Pam, de baby.'
Met een
auto?
'Van wie is
die auto dan?'
'Lieverd,
wees blij. Het is de auto van oma en opa. Het is weer goed tussen hen en ons.
Ze hebben me thuisgebracht en... raad eens wat? Ze betalen al onze schulden.'
'O ja, mam.
Er was ook een deurwaarder en drie rekeningen...'
De gsm valt
weer uit. Ze moet hem nodig opladen.
Buiten
stopt de auto van opa en oma.
'Danku Jezus!' roept Pia.
'Ja, danku Jezus,' roept ook Jodi.
Ze heeft
haar eigen kerstfeest gekregen. Jezus werd in haar hart geboren. En Hij zal
haar nooit meer verlaten.
Jodi en
Pia gaan gauw naar buiten om hen te begroeten. Mamma en Pam,
die kleine dikke schat en ook... opa en oma, die ze al zo lang niet gezien
heeft. Ze heeft al die tijd naar hen verlangt, want het zijn zulke lieve
schatten.
En wat is
er veel te vertellen.
Mamma is zo
blij, dat ze geen geld hoefde te verdienen met bolletjes slikken. Gelukkig
maar, wie weet was ze dan doodgegaan of in de gevangenis terechtgekomen. Je
moet er niet aan denken wat er met kleine Pam gebeurd
zou zijn.
Het is een
wonder. Ze zijn allemaal veilig. En op straat slapen? Dat gaat niet gebeuren,
want opa en oma betalen alle schulden.
'Het is net
als Jezus,' zucht Jodi als ze die avond haar bed in
kruipt.
'Wat bedoel
je?'vraagt mam die haar welterusten kust.
'Nou, Jezus
betaalde ook al onze schulden. Daar zal ik je later wel over vertellen.'