Ongeveer 15 minuten
Deze week kun je kiezen uit de volgende activiteiten:
*Spaghettidoosje.
Het is leuk om de quiz te doen met een doosje waaruit
draadjes hangen. Er zijn van die bijdehante kinderen die alle vragen
weten. Maar dit doosje corrigeert het. Uit een doosje hangen gekleurde draden.
Je weet niet hoe lang ze zijn, want je kunt niet in het doosje kijken. Bij een
goed antwoord mag het kind een draadje trekken. Als je twee groepen hebt
gemaakt kun je na afloop meten welke groep de langste aan elkaar geknoopte
draad heeft.
*De truc met de changeerzak. Een
verwisselzak is een soort collectezak die je bij een goochelwinkel kunt kopen
(ook op internet 30 euro) Hij is heel leuk om te gebruiken een vies doekje (het
vieze stel de zonde voor) wordt na een gebed schoon. Je kunt er ook andere
dingen in veranderen. Bijv. een briefje met het
woordje stelen…verandert in een briefje: Ik vergeef je.
Het is de moeite waard om wat
materiaal aan te schaffen vanuit een goochelwinkel, want ze krijgt er altijd
aandacht mee.
*meten
Er zijn allerlei dingen waarmee je iets kunt meten. ‘Meten is weten’ zegt men wel
eens.
Laat de kinderen vijf minuten van
alles meten. Hoe lang is je neus, hoe dik is je pols of je middel, hoe groot
zijn je oren en je voeten?.
Dit is een gedichtje over Jezus
die van zijn vader leerde meten. GD11 Dan moeten ze vijf dingen opschrijven die
niet te meten zijn, bijv. haat, liefde, boosheid,
macht, zonde…Zijn er grote en kleine zonden? Wie bepaalt dat?
Kijk eens naar deze vijf mensen,
en beoordeel wat ze zeggen. Hoe weet je of jouw oordeel goed is? Elk mens heeft
een geweten. Dat kan ook afgestompt raken.
Onze meetlat is de Tien Geboden.
(Les 21 cursus.) Laat de Tien Geboden op je vingers zien. (Je moet ze telkens in
je les betrekken, tot ze ze uit hun hoofd kennen en
lang daarna) belijd je zonden aan God, dan kan hij je veranderen.
|
|
|
|
|
|
|
|