Lezen uit de bijbel week 34
Genesis 15: 1-6
Enige tijd
later richtte de HEER zich tot Abram
in een visioen: ‘Wees niet bang, Abram: ikzelf
zal jou als een schild beschermen. Je loon zal vorstelijk zijn.’
‘HEER,
mijn God,’ antwoordde Abram,
‘wat voor zin heeft het mij te belonen? Ik zal kinderloos sterven, en alles wat
ik bezit zal het eigendom worden van Eliëzer
uit Damascus. U hebt mij immers geen nakomelingen
gegeven; daarom zal een van mijn dienaren mijn erfgenaam worden.’ Maar de HEER
sprak opnieuw tot hem: ‘Nee, niet je dienaar zal jouw bezittingen erven, maar
een kind dat jijzelf zult verwekken.’
Daarop leidde
hij Abram naar buiten. ‘Kijk eens naar de hemel,’ zei
hij, ‘en tel de sterren, als je dat kunt.’ En hij verzekerde hem: ‘Zo zal het
ook zijn met jouw nakomelingen.’ Abram vertrouwde op
de HEER en deze rekende hem dit toe als een rechtvaardige
daad.
Visioen: dat is een beeld in je gedachten. Zie je het al voor je?
Vorstelijk: dat is geweldig groot, zoals een
koning je zou belonen.
Eliëzer uit Damascus : dat was Abrams
belangrijkste knecht.
Rechtvaardige: goede daad