Lees onderstaande brief voor en
telkens als er iets is dat van slechte manieren getuigt
gaan de kinderen staan.
Vandaag was
de dag, de grote dag dat Mary naar het schoolfeest zou gaan. Al wekenlang had
ze met haar vriendinnen overlegd wat ze zouden aandoen en wie van de ouders hen
zou rijden en terughalen.
Haar
mobieltje was daarbij wel van pas gekomen. Gelukkig had ze een beetje extra
beltegoed van haar ouders gekregen.
Het was
alleen jammer dat Joran op school haar
mobieltje had afgepakt en ermee een paar haatmails had verstuurd
naar Tina, het sufste meisje uit de klas. Nou dacht Tina natuurlijk dat
Mary het had gedaan. Als
daar maar geen ellende van kwam.
Toen Mary
het tegen de leraar wilde gaan zeggen bedreigde Joran
en Timo haar door te fluisteren: ‘Als je het zegt gooien we
je tas met boeken in de plas.’
Mary wilde
beslist niet dat haar boeken werden beschadigd. Vader en moeder konden echt
geen schadepostje gebruiken nu ze zo’n grote lening
hadden afgesloten.
‘Ik zal wel
zien wat er van komt,’’ dacht Mary en vertelde de leraar niets.
Toen de
school uitging was iedereen zo uitgelaten met het oog op het schoolfeest, dat
de kinderen elkaar verdrongen door de deur. Een meisje uit een lagere groep stond te
huilen bij de kast, de anderen hadden haar arm afgeklemd in de haast om
weg te komen.
‘Zal ik
haar even troosten?’ dacht Mary. Ze deed het maar niet, want ze wilde
het liefst gauw naar huis om haar feestkleding nog wat bij te strijken. Hijgend
van het harde lopen stoof ze de tuin binnen.
Tring, tring, triiiing!
Ze hield
haar vinger op het knopje van de bel. Waarom kwam moeder nou niet wat sneller
naar de deur.
Dat mens
was ook zo sloom
als een kikker in de zon.
Er bleek
ook nog visite te zijn. Die zeurpiet van een buurvrouw was er met een
oude dame die ze niet kende. Nou Mary had echt geen tijd voor handjes geven
en opzitten.
‘Doei!’ riep ze snel, graaide drie
koekjes van tafel, propte ze in haar mond en verdween naar haar eigen
kamer.
Ze legde
alles wat ze voor de avond nodig had op haar bed maar wat zag ze tot haar grote
schrik?
Er zat een
zwart vlekje precies op de voorkant van haar bloes.
‘Moeder!!’ blerde ze naar
beneden, ‘kom eens kijken! Nu direct!’
Natuurlijk
kwam moeder niet. Ze had immers visite. Dus denderde Mary de trap af, stoof de
kamer binnen rechtstreeks naar haar moeder toe, die in gesprek was met de oude
dame.
Het was
blijkbaar een ernstig gesprek, want het dametje zat met haar zakdoek over haar
ogen te wrijven.
‘Huil maar
niet,’ zei moeder troostend, ‘heus, de artsen zijn
tegenwoordig zo knap. U hoeft niet bang te….’
‘Mam,’ riep Mary er doorheen, ‘mijn jurk heeft een vlek.
Je moet me helpen. Nu direct.’
Toen de
dames weg waren gegaan had moeder nog een appeltje met Mary te schillen. Dat
begrijp je wel.
Gelukkig
werd het een gezellige feestavond.