Lezen uit de Bijbel week 45
In het bijbelboek
Genesis 28:10 – 17
Jakob…ging op weg naar Charan. Op zijn tocht kwam hij bij
een plaats waar hij bleef overnachten omdat de zon al was ondergegaan. Hij
pakte een van de stenen die daar lagen, legde die onder zijn hoofd en ging op
die plaats liggen slapen. Toen kreeg hij een droom. Hij zag een ladder die op
de aarde stond en helemaal tot de hemel reikte, en daarlangs zag hij Gods engelen
omhoog gaan en afdalen.
Ook zag hij de HEER bij zich
staan, die zei: ‘Ik ben de HEER, de God
van je voorvader Abraham en de God van Isaak. Het land waarop je nu ligt te
slapen zal ik aan jou en je nakomelingen geven. Je zult zoveel nakomelingen
krijgen als er stof op de aarde is; je gebied zal zich uitbreiden naar het
westen en het oosten, naar het noorden en het zuiden. Alle volken op aarde
zullen wensen zo gezegend te worden als jij en je nakomelingen. Ikzelf sta je
ter zijde, ik zal je overal beschermen, waar je ook heen gaat, en ik zal je
naar dit land terugbrengen; ik zal je niet alleen laten tot ik gedaan heb wat
ik je heb beloofd.’
Toen werd Jakob wakker. ‘Dit is zeker,’ zei hij, ‘op deze
plaats is de HEER aanwezig. Dat besefte ik niet.’ Eerbied
vervulde hem.
Verklaring: Moet je eens opletten hoe de
belofte aan Jakob lijkt op de belofte van Jezus toen hij naar de hemel ging.
Matt. 28:20 ik ben met jullie, alle dagen, tot aan de voltooiing van deze
wereld.’