Opdracht   week 31

Ongeveer tien minuten

Kies uit de volgende mogelijkheden.

 

*Scheldwoorden

Wat is makkelijker scheldwoorden vinden of complimenteuze woorden?

Op veel scholen hoor je de kinderen voortdurend scheldwoorden tegen elkaar roepen. Ze kunnen bijna niet meer normaal met elkaar praten. Maak dit bespreekbaar. Het komt van de oude slang, de duivel. Jezus heeft iedereen lief, dus een christen moet daar niet aan mee doen.

Maak eens een slang van scheldwoorden. Het tweede woord begint met de laatste letter van het eerste woord.

 

Je kunt ook in twee groepen werken. De eerste groep verzint scheldwoorden en de tweede groep complimenteuze woorden.

Verbrand de eerste rij.

 

*Niet oprecht zijn

Een slang heeft een gespleten tong. Dat wijst op twee kanten op praten. Je bent niet eerlijk. In iemands gezicht zeg je het één en achter zijn rug om wat anders. Teken eens een slangenkop en schrijf dan in twee ballonnetjes wat hierboven beschreven is. Bijv. ‘Wat staat dat shirt je goed’ en ‘Dat shirt van haar is echt uit het jaar nul, man.’ Je kunt het ook als sms-je schrijven.

 

*Dubbelzinnigheid

Er zijn kinderen, die achter veel woorden dubbelzinnige betekenissen zoeken. Ook veel Christelijke kinderen doen daar aan mee. Je kunt gewoon bepaalde woorden niet meer gebruiken zonder dat er iemand in lachen uitbarst. Bijv. het woord banaan of poesje, doos of muts. Denk je dat dit naar Gods wil is? Of gebruikt satan de taal om onze gedachten te beïnvloeden? Is alles waarom je lachen moet goed? Mag je wel lachen van God? Lees wat God wilt dat je doet met je tong en schrijf drie dingen op..

 

Titus 3:1- 5 Herinner allen eraan … dat ze van niemand mogen kwaadspreken, vredelievend en vriendelijk moeten zijn en zich tegenover iedereen zachtmoedig moeten gedragen. Ook wij waren eens onverstandig, ongehoorzaam, op de verkeerde weg, slaaf van allerlei begeerten en lusten. Ons leven stond in het teken van boosaardigheid en afgunst, we verafschuwden en haatten elkaar. Maar toen zijn de goedheid en mensenliefde van God, onze redder, openbaar geworden en heeft hij ons gered…

 

En in Jak. 3:6

Onze tong is net zo’n vlam: een wereld van onrecht, die onze lichaamsdelen in brand steekt. Want hij besmet het hele lichaam, hij steekt het rad van het leven in brand, met vuur uit de Gehenna. De mens heeft alle mogelijke soorten dieren weten te temmen, wilde dieren, vogels, kruipende dieren en zeedieren, maar er is geen mens die de tong kan temmen, dat onberekenbare kwaad, vol dodelijk venijn. Met onze tong zegenen we onze Heer en Vader, en we vervloeken er mensen mee die God heeft geschapen als zijn evenbeeld. Uit dezelfde mond klinkt zegen en vervloeking. Dat kan toch niet goed zijn, broeders en zusters?