Ongeveer 15 minuten
Deze week kun je kiezen uit de volgende activiteiten:
Dit is een kringspel.
Degene die contact wil maken zegt: Ik zoek contact met Anneke
(bijvoorbeeld). Dat contact gaat via kneepjes in de hand naar rechts of naar
links.
Iemand staat midden in de kring. Die moet opletten of ergens
twee kinderen contact maken, voordat het contact Anneke bereikt. Als hij het
contact ontdekt, moet degene die begon in de kring staan.
Als Anneke: CONTACT! roept, dan heeft het kind in het midden pech. Hij moet nog
een keer.
De juf neemt één kind naar de gang. Ze spreekt af: Als ik…
zeg: ‘IS HET MISSCHIEN…’ dan is tweede voorwerp
dat ik daarna aanwijs het juiste.
Juf gaat weer naar de groep.
De kinderen noemen samen, zachtjes, een voorwerp dat geraden
moet worden. Het kind op de gang mag binnenkomen.
Juf wijst een willekeurig voorwerp aan en vraagt aan het
kind dat op de gang stond: ‘Is het dit…?’’ Zodra ze echter vraagt: ‘Is het misschien…?’
dan weet het kind dat op de gang stond, dat het tweede voorwerp hierna het
juiste is.
Voor de groep is het net of het kind dat op de gang stond
kan gedachtelezen.
![]()
Bij
voorbeeld dit:
Voorbereiding: Neem twee hartjes van rood
papier, niet te dik, ongeveer 12 centimeter hoog.
Vouw de hartjes dubbel met de punt naar boven, open ze weer.
Vouw ze in de lengte dubbel en nog eens dubbel. Open ze weer. Ze zijn dus
precies eender met vouwtjes erin.
Nu moet je één hartje opvouwen en als een pakketje aan de
achterkant van het andere hartje plakken, net links van het midden, maar zo,
dat je aan de voorkant niets van het geplak ziet. Je toont je publiek het
voorste hartje en zorgt ervoor dat ze het achterste pakketje niet zien, door
het hartje vast te houden met je duim.
Dan vertel je het publiek dit verhaal:
‘Toen ik jong was kreeg ik wel eens de schuld als ik het
niet gedaan had. Dan moest ik huilen en mijn hartje ging kapot.’
Scheur een reep aan de rechterkant van het voorste hartje af
en doe dat stuk ervóór.
‘Ik raakte ook wel eens mijn beste vriendin kwijt door
een leugen en mijn hartje ging weer kapot.’
Scheur een stuk af van het voorste hartje aan de linkerkant
en doe de reep weer voorop.
Nu heb je een pakketje in je handen met voorop 2 kapotte
stukken en daarachter het middengedeelte van het voorste hartje plus het
opgeplakte, opgevouwen hartje naar je toe gericht.
Nu draai je onder wat geklets het pakketje om, zodat het
opgevouwen hartje naar de kinderen gericht is en je begint al pratend het
opgevouwen hartje open te vouwen, zonder de gescheurde repen te laten vallen.
Die blijven nu aan de achterkant.
Zeg: ‘Toen ik bad tot Jezus maakte hij mijn hart weer
heel.’
Gegarandeerd succes. En je kunt het hen ook leren om thuis
na te vertellen.