Ongeveer tien minuten
Laten ze dit gedichtje
voorlezen, om de beurt een coupletje.
God neemt mij aan
Weet je waar het musje schuilt
als de poes het jaagt?
Weet je waar het vosje kruipt
voor een regenvlaag?
Weet je waar de klipdas woont,
en waar de berggeit huist?
Waar is het holletje van de uil?
En waar schuilt nu de muis?
Weet je waar een kindje is
voordat het is geboren?
En weet je waar je vriendje is?
Of is hij soms verloren.
Als een kleuter angstig is
kruipt hij in moeders armen
maar als je een internaatskind bent
moet je jezelf verwarmen.
Bij vader of bij moeder
Zou ik wel kunnen schuilen.
Maar als je nu een weesje bent,
waar moet je dan uithuilen?
En als je moeder je niet begrijpt
en jij het niet kunt vertellen?
Moet je dan in je narigheid
Bij vreemden aan gaan bellen?
Mijn schuilplaats is bij God de Heer.
Naar Hem kan ik veilig gaan.
Al kent mijn vader mij niet meer
TOCH NEEMT DE HEER MIJ AAN.
Josine