|
|
Teken twee stenen tafels en schrijf op elk vijf geboden. Hang dat papier thuis boven je bed. |
1. Ik ben de Here God 2. Niet voor andere
goden buigen. 3. niet vloeken. 4. Op sabbat rust houden. 5. Vader en moeder eren. 6. Niet doden. 7. Trouw blijven. 8. Niet stelen. 9. Niet liegen. 10. Niet alles willen
hebben |
|
|
Leer de Tien Geboden op je vingers. |
|
DE TIEN GEBODEN
Hoe leren we deze belangrijke regels?
De juf vraagt: HEBBEN
JULLIE DE TIEN GEBODEN BIJ JE?
(Zo noemt men wel
eens je vingers. Soms roept een moeder: 'Niet met je Tien Geboden eten, kind!')
DIT ZIJN DE TIEN
GEBODEN.
Nummer één. (toon
duim van linkerhand.)
De duim kan, wat de
vingers niet kunnen. IK BEN DE HERE GOD, DIE JOU UIT DE SLAVERNIJ VERLOST
HEEFT.
(Wijsvinger laten
buigen.) JE MAG GEEN ANDERE GODEN VOOR MIJN AANGEZICHT HEBBEN EN DAAR NIET VOOR
BUIGEN.
(Middelvinger
linkerhand laten zien.) Deze vinger steekt uit. Hij wil groter zijn dan God,
kijk maar.
NIET VLOEKEN. (Als je
vloekt maak je je groter dan God.)
Aan de ringvinger van
de linkerhand zit vaak een ring. Het is zogenaamd een mooie vinger. DENK AAN DE
SABBAT, DAN MOET JE RUSTEN
Dan komt de pink:
Kijk vader, moeder en kindje. (middelvinger, ringvinger, pink.)
EEN KIND MOET ZIJN
OUDERS EREN. Dit is een gebod met een belofte. Dan zul je lang leven in het
land dat de Here, uw God u geven zal.
Nu gaan we naar de
rechterhand.
Deze duim is
hetzelfde als die duim, zie je wel. Wij zijn naar Gods beeld gemaakt. (
Draai daarna de
rechterduim ondersteboven en zeg:) DAAROM MOGEN WE NIET DODEN.
(Maak van je
rechterwijsvinger en je duim een pico bello teken, het lijkt op een trouwring.)
BLIJF TROUW.
De middelvinger is
een lange vinger.
Lange vingers heb je
als je steelt.
JE MAG NIET STELEN.
De ringvinger
is korter dan de middelvinger. Hij doet de waarheid te kort. JE MAG NIET
LIEGEN.
Het pinkje komt
altijd te kort, als hij naar de lange vinger kijkt.
NIET ALLES WILLEN
HEBBEN.
De Heer Jezus zei:
Eigenlijk zijn er maar twee geboden. God liefhebben boven alles en je naaste
als jezelf.