Hieronder
staan een paar voorbeelden van mensen die een kans hebben op geluk. Zet je
pionnetje in op degene die volgens jou de meeste kans maakt. Als iedereen klaar
is kijk dan onderaan deze bladzijde naar het antwoord en bespreek het waarom.
|
Naam: |
Verhaal: |
Grote
kans/ niet zo’n grote kans/ kleine kans. |
|
1.
|
Ik
ben Natan, als ik met deze gokmachine driemaal hetzelfde plaatje krijg, win
ik de pot. Duim voor me dat ik win. De jongen voor me heeft ook net
gewonnen. |
|
|
2.
|
Ik
ben Ageeth, mijn man is zeeman. Hij heeft me gemaild dat zijn schip onderweg
is naar huis. Denk je dat de kans dat hij vandaag naar mij zal komen groot
is? |
|
|
3.
|
Ik
ben Andrea, ik heb vorig jaar een medaille gewonnen voor de avondvierdaagse.
Nu ga ik meedoen voor de Europese kampioenschappen hardlopen op de 300 meter.
Denk je dat ik een grote kans maak? |
|
|
4.
|
Ik
ben Tadic, ik ben op weg om een lot te kopen voor de staatsloterij. Ik heb tien
euro, daar kan ik drie loten voor kopen. Denk je dat ik een kans maak te
winnen? |
|
|
5.
|
Ik
ben Yolanda, Ik ga vandaag naar een supermarkt, waar ze deze maand de
tienduizendste klant verwachten. Ik hoop dat ik het ben, want dan krijg ik
voor duizend euro aan boodschappen! Denk je dat ik een kans maak? |
|
(Het
antwoord is Ageeth, want iemand die veel van haar houdt heeft haar iets
beloofd.)