Activiteit week 45

(15 min.) 

 

*touwtrekken

 

*of: levend kwartet. Elk kind heeft een bijbelse naam verzonnen. Ze staan in vier groepen. Een kind begin met vragen: Mag ik (bijv.) Elia van die groep? Als Elia niet in die groep zit, mag die groep vragen, enz.

 

* Of: Eén tegen de groep. (Kat en muis) dammen.

Geef hen per twee kinderen een papieren dambord en vier snoepjes aan de ene kant en 1 spekje aan de andere kant.

Dit spel wordt op de zwarte velden van het dambord gespeeld. De ene speler is de kat: Hij krijgt 4 kleine snoepjes. De andere is de muis: hij speelt met een groot snoepje. De muis mag voor en achteruit zetten, de kat alleen vooruit. Dit geschiedt steeds in diagonale richting, zodat de stukken op de zwarte velden blijven.

 Bij het begin staan de 4 snoepjes van de kat op de eerste rij op de zwarte velden  van het dambord. Het grote snoepje op een willekeurig zwart veld worden geplaatst op de eerste rij. De kat doet de eerste zet, daarna de muis, enz. Er mag niet worden gesprongen of geslagen. Als de kat (zwart) erin slaagt, de muis (wit) in te sluiten, heeft hij gewonnen. Als het de muis gelukt, door de 4 zwarte stukken heen te breken, is hij de overwinnaar. Wie wint krijgt de snoepjes.  

 

 Dit dambord kan vergroot afgedrukt worden