Lezen uit de bijbel     week 40

In het bijbelboek:   Spreuken 1: 8-19

Dit is een waarschuwing van Salomo aan zijn zoon. Ook toen al waren er lui die in groepen slechte dingen wilden gaan doen.

 

Mijn kind, luister naar de lessen van je vader, verwaarloos niet wat je moeder je leert. Hun lessen zijn een sierlijke krans om je hoofd,

ze zijn een ketting om je hals. Mijn kind, als zondaars je proberen in te palmen, geef er niet aan toe. Luister niet naar hen als ze je willen overhalen met hen mee te gaan, als ze zeggen: ‘We willen bloed vergieten, we gaan onschuldigen de dood in jagen, zonder reden,

we verslinden ze met huid en haar, zoals het dodenrijk de levenden verslindt, het graf de doden opslokt. Hoeveel kostbaarheden zullen we niet vinden, we vullen onze huizen met een rijke buit. Kom, sluit je bij ons aan, we zullen alles delen.’

 

Mijn zoon, ga niet met hen op pad, mijd de weg die zij gaan, want ze haasten zich om kwaad te doen en zijn op bloed belust.

Het net wordt tevergeefs gespannen als de vogels het bespieden. Alleen hun eigen bloed zal vloeien, hun eigen leven is hun prooi.

Dat is het lot van allen die uit zijn op roof, hun pad voert naar de dood.

 

Verklaring:

Het net wordt tevergeefs gespannen als de vogels het bespieden. Dat wil zeggen: Ze worden goed in de gaten gehouden.