Opdracht   week 35

Ongeveer tien minuten

 

Print de voorplaat uit.

Bespreek de voorplaat die bij deze weken hoort.

 

1.Geschapen als tempel

Ben jij een veredelde aap of naar Gods beeld geschapen?

2. Je bent een tempel waar God in woont

3. Wie zit er op de troon in je tempel?

In een afgodstempel draait alles om de afgod. Mensen kruipen er naar toe op hun knieën en brengen hun laatste geld aan hem. In jouw hart zit Jezus op de troon. 

4. Een reine tempel.

Je hoort vaak over seks praten, ook al ben je nog kind. Je vriendjes praten er over. Sommige kinderen, lang niet allemaal!!!, beginnen al vroeg met uitproberen.  

5. Een goedverzorgde tempel.

In een auto doe je ook geen karnemelk of spruitjes, een nieuwe auto kun je kopen, maar een nieuw lijf niet.

Ga dan niet roken of drinken!

6. Een toegewijde tempel.

Je denken beïnvloedt je lichaam. (Je geest) Ga dan niet in stiekem aan verkeerde dingen denken of zitten broeden op slechte plannen. Vroeg of laat ga je het doen. Laat de Vogeltjes geen nest bouwen in je kop. In je tempel wordt Jezus verheerlijkt en aanbeden, ook en vooral door je daden.

7. Door Jezus gebouwd.

David wilde de tempel bouwen voor God, maar hij had bloed aan zijn handen.

Salomo, de koning van vrede bouwde een schitterende tempel, waarvoor David al heel veel had verzameld.

Zo kunnen wij mensen onszelf niet oppoetsen, we hebben Jezus nodig, die ons een nieuwe schepping maakt.

8. Een tijdelijke tempel.

Je lichaam is niet alles. Je hebt een ziel en een geest. Soms woont er een lief mens in een lelijk lichaam.

Eén keer moet dit lichaam sterven, maar Jezus gaat je een verheerlijkt lichaam geven. Dan zul je mooier zijn dan ooit tevoren.

Zorg daarom goed voor je ziel, want wat heb je er aan als je de hele wereld wint, maar schade lijdt aan je ziel?

9. Film of verhaal van Joni Eareckson