Kiezen is soms erg gemakkelijk. Als je moet kiezen tussen een taartje en een kauwgompje, dan weten de
meesten van jullie wel wat te kiezen. Maar als je moet kiezen tussen een heel
rijke prins of prinses te worden zonder
God, of een vluchteling te zijn met God, dan is dat een vreselijk moeilijke
keus. Kijk, de Here God kun je niet zien, horen, voelen, ruiken en al die
dingen in het paleis zijn zo verlokkelijk.
Toch was er eens een jongeman, die liever schade leed met God, dan een
koning te worden zonder God. Die jongeman heette Mozes. Ik zal je eens van hem
vertellen.
Het volk waaruit Mozes kwam werd vreselijk onderdrukt. Ze moesten
slavenarbeid verrichten, hadden weinig te eten en werden geslagen. De
Israëlieten moesten zelfs hun kleine baby’s vermoorden van de Farao. Gelukkig
was Mozes er mooi aan ontkomen, want zijn moeder en vader hadden hem in een
mandje in de Nijl gelegd. Toen had de prinses hem gevonden. Ze vond Mozes zo
ontzettend schattig, dat ze hem adopteerde als haar eigen kind.
Mozes werd opgevoed als een
echte prins. Hij kreeg les in paardrijden, vechten, geschiedenis en nog meer van zulk soort zaken die een
prins moet leren. De mooiste kleren
droeg hij en het heerlijkste eten at hij.
Op
een dag realiseerde Mozes zich dat hij eigenlijk geen Egyptenaar was. Misschien
had iemand hem dat verteld. Natuurlijk werd hij nieuwsgierig naar zijn eigen
volk. Hij ging een kijkje nemen in Gosen, de provincie waar de Israëlieten bouwwerken moesten maken voor de Farao. Wat
hij toen zag, maakte Mozes vreselijk boos. Zijn volk werd vernederd en
geslagen. Wat gemeen. Hij besloot er wel eens even iets aan te doen.
Plotseling werd zijn oog getroffen door
een Egyptenaar, die een Israëliet in elkaar sloeg. Dat pik ik niet, dacht Mozes en sprong
tussen beiden. Hij verkocht die Egyptenaar toch een optater, dat ie meteen dood
neerviel.
De geslagen Israëliet ging er als een haas vandoor en Mozes bleef alleen
achter met die dode Egyptenaar. Wat moest ie nou doen?
Vlug groef hij een gat in de grond en begroef hem onder het zand. Zo. Niemand had hem gelukkig gezien.
Een paar weken later ging Mozes weer eens bij zijn volk kijken. En wat
zag hij dit keer? Twee Israëlieten waren aan het bakkeleien. Dat was toch al te
gek! Ze hadden het al zo zwaar en nou nog samen vechten ook! Weer sprong Mozes
tussenbeiden. Hij beval hen te stoppen. De grootste en brutaalste van de twee
vechtersbazen echter, spuugde zo maar voor Mozes op de grond. ‘Bemoei je je er
niet mee, prins,’ schreeuwde hij. Wou je mij soms ook doden zoals je die
Egyptenaar verleden keer hebt gedood?
Mozes schrok zich ondersteboven, dat snap je. Vlug sprong hij op zijn
paard en galoppeerde weg. En weet je waarnaar toe? Nee, niet naar het paleis
terug. Mozes vluchtte het land uit, de woestijn in. Nou werd hij zelf een
vreemdeling en zwerver.
Maar
God vergat hem niet. Na veel jaren in de woestijn als schaapherder geleefd te
hebben, werd Mozes geroepen door God om zijn volk te gaan redden.
Ja, God had een plan met Mozes leven en.... dat heeft hij ook met
jou. Want je kunt beter arm zijn met
God dan rijk zonder Hem.