Lezen uit de Bijbel     week 1

In het bijbelboek Genesis hoofdstuk 39 vers 3 t/m 6

 

Omdat zijn meester zag dat de HEER Jozef ter zijde stond

en alles wat hij ter hand nam voorspoedig liet verlopen,

was hij Jozef goedgezind:

hij maakte hem tot zijn persoonlijke bediende,

liet de gang van zaken in huis aan hem over

en gaf hem het beheer over alles wat hij bezat.

En vanaf het ogenblik dat hij hem belastte

met het toezicht op zijn huis en zijn verdere bezittingen,

zegende de HEER het huis van die Egyptenaar

omwille van Jozef.

De zegen van de HEER rustte op alles wat hij bezat,

in huis en daarbuiten.

Daarom vertrouwde hij alles volledig aan Jozef toe;

nu Jozef er was, bekommerde hij zich alleen nog

om wat hij te eten kreeg.

 

Verklaring:

goedgezind:

dat betekent, dat hij hem graag mocht.

 

bediende,

eigenlijk slaaf