Denkstarter 105 Over
hoogmoed

Wat is nederig, hoogmoedig
of heeft er niet mee te maken.
Maak onderstaand lijstje.
|
Nummer |
Stelling |
Hoogmoed/nederigheid/geen van beiden. H/N/G |
|
1 |
Piet staat op een hoge
ladder. Jan zit op een krukje. |
|
|
2 |
Niemand wil de wc
schoonmaken. Antoine offert zich op. |
|
|
3 |
Jaimie vertelt aan
iedereen dat hij de beste voetballer van zijn club is. |
|
|
4 |
Nebucadnessar liet een
beeld voor zichzelf oprichten |
|
|
5 |
De bergbeklimmer stond op
de top van de berg en keek neer op de mensen in het dal. |
|
|
6 |
Als ik mijn avondgebedje
doe ga ik knielen voor mijn bed. |
|
|
7 |
‘Ik alleen ben de koning,’
zei Herodus. Hij gaf de soldaten bevel om het kindje Jezus in Betlehem te
doden. |
|
|
8 |
Ik sta op nummer vier van
de scorelijst en jij? |
|
|
9 |
Kan ik wat voor u doen,
oma? |
|
|
10 |
Er moet in de kerk propjes
geraapt worden. Ik doe dat wel. |
|
|
11 |
De wielrenner wilde de
bergetappe per se winnen |
|
Schrijf nu zo kort mogelijk
op wat volgens jou nederigheid is.
|
|