Voorbereiding: Knip twee exact dezelfde harten van
papier. De kleur maakt niet uit, maar ze moeten beide precies eender zijn.
Zelfs de vouwen in het papier.
Het ene hart
vouw je dubbel en nog eens dubbel, zodat het als een opgevouwen pakketje achter
de linkerhelft van het andere hartje past. Lijm het lichtjes vast, maar pas op
dat je dit niet kunt zien aan de voorkant. Op den duur ben je zo handig, dat
het niet eens vastgelijmd hoeft te worden.
Oefen een
paar keer, totdat je het volgende gedachteloos kunt doen.
Verhaaltje: Ben jij ook wel eens ergens kapot
van geweest? Ik kreeg als kind altijd overal de schuld van. Dan ging ik naar de
kelder en zocht troost bij mijn hondje. Hij likte mijn hand en ik zei: “Het is
gemeen, Bobbie, jij weet wel dat ik het niet gedaan heb, hè?” x
Ik ging
helemaal in elkaar zitten. Maar ik had beter naar Jezus kunnen gaan, want hij
kan mijn hart wel heel maken.
Scheur bij x
een strook van het hart af. Leg die strook in het midden voor het hart, en scheur dan aan de andere kant ook een
strook af. Al vertellend vouw je dan het gescheurde voorste hart naar voren tot
een klein pakketje, zo groot als het pakketje van het achterste hart. MAAR …
draai meteen het hele pakketje om. Ze zullen het niet merken vanwege de emotie
van het verhaal.
En vouw dan
het opgevouwen hart weer open, terwijl je vertelt dat de Heer Jezus je hartje
weer helemaal heel kan maken.
Het vereist
even een handigheidje.
Vergeet niet
alles goed op te bergen na afloop, want de kinderen willen het graag
onderzoeken.
Een goeie
goochelaar vertelt zijn geheim niet.